Paul van Hoek
2 titels in de boekenbase · Auteur · 2014–2017
Over Paul van Hoek
Paul van Hoek staat met 2 titels in de boekenbase als auteur. Het werk valt vooral onder psychotherapie en andere therapieën en psychiatrie. Verschenen tussen 2014 en 2017 bij Graaff, Uitgeverij de. Over het werk verschenen 3 recensies.
Over het werk gezegd
In Nederland sterven gemiddeld 5 mensen per dag door zelfmoord. In 2015 waren dat 1871 mensen, aldus Jan Mokkenstorm in het voorwoord van dit boek. Het blijkt dat hiervan 40% bij de hulpverlening in beeld was. In een ander voorwoord meldt Ad Kerkhof dat dit boek aanknopingspunten biedt voor preventie van suïcide, Inmiddels mogen de algemene richtlijnen omtrent suïcidaal gedrag als bekend worden verondersteld. Kwetsbaarheid dat door erfelijke, biochemische factoren, levensbeschouwing, persoonlijkheid en aanwezigheid van een steunsysteem, wordt beïnvloed. Kwetsbaarheid dat door stress aangejaagd kan worden en afhankelijk is van middelengebruik, psychologische factoren, mogelijke psychiatrische ziekte en life events. En wanneer de kwetsbaarheid leidt tot entrapment of uitzichtloosheid, is suïcidaal gedrag de slotsom van al deze factoren. Zo'n richtlijn is geen polis op zekerheid om het te voorkomen, maar het helpt wel om de hulpverlener signalen beter te leren herkennen, het dient laagdrempeligheid bij instellingen te vergroten en onderlinge samenwerkingen in de hulpverlening te verbeteren. Een terugkerend thema in dit boek is piekerziekte, een begrip dat door hoogleraar Ad Kerkhof is geïntroduceerd. Denken aan de dood wordt voor iemand een obsessie. Alsof je in een fuik terechtkomt en er geen weg terug meer is. Thomas Joiner, Amerikaans psycholoog noemt dit acquired capability, een synoniem voor entrapment: de leefwereld wordt alsmaar kleiner en de gedachten aan de dood nemen onomkeerbaar toe. In dit boek wordt aan de hand van verschillende invalshoeken aangegeven hoe suïcidaliteit beoordeeld kan worden, wat de betekenis er van is en hoe de hulpverlener met de hulp van visualisatietechnieken, de fuik, de balans of rag-grafiek, het gesprek met de cliënt kan voeren. Het gaat bij al deze technieken om het in beeld brengen van wat iemand bezighoudt ten aanzien van gedachten te willen overlijden of te overleven. Wanneer de ernst eenmaal in beeld is gebracht, kan de hulpverlener proberen met verschillende technieken de suïcidaliteit te temperen. Hierbij besteden de auteurs met name aandacht aan de betrekkingsdiagnose, de manier waarop het contact verloopt met alle betrekkingsaspecten die het contact beïnvloeden. Het boek laat zich lezen als muziek. De grondtoon, de melodie, ritme en tempowisselingen die een nummer maken tot wat het is, zijn in dit boek bijna hoorbaar aanwezig. Het gaat niet alleen om de kennis, niet alleen om het toepassen van theoretische concepten of hulpverlenerstechnieken, maar juist de toepassing ervan binnen de context van de cliënt. Uiteindelijk draait het om het bespreekbaar maken, iemand te helpen nadenken wat voor hem de weg naar suïcide heeft geopend en of er een weg terug mogelijk is? Hiermee laat zich de hand van de twee auteurs lezen, die beiden als SPV hun sporen binnen de sociale psychiatrie hebben achter gelaten.
Gerard Lohuis — Sociale Psychiatrie, december 2017, p. 32-33 · over Eigenlijk zegt u dat u dood wilt?!
Van Hoek en Brinkman schreven opnieuw samen een praktisch boek. 'Wat is gek?' bevat bruikbare informatie over het signaleren van psychiatrische stoornissen bijvoorbeeld, en hoe daar vervolgens mee om te gaan. Het boek gaat in op een aantal stoornissen, legt kort en bondig de DSM uit, het bekende classificatiesysteem, en geeft informatie over diverse problemen die met stoornissen gepaard kunnen gaan. Met de nadruk op kunnen, want de hinderingen en lasten van een stoornis kunnen zeer divers zijn. 'Kijken door de psychiatrische bril' is een passende ondertitel. De lezer leert verschillende stoornissen te herkennen en bespreekbaar te maken. Tevens maken de auteurs het onderscheid duidelijk tussen fysieke, psychische en sociale factoren die een rol kunnen spelen bij zowel het ziektebeeld als bij de omgang ermee door de cliënt en zijn of haar omgeving. De indeling in soorten lijden, primair, secundair en tertiair helpen om de ernst in de schatten en daarmee ook de mogelijkheden om de ondervonden problemen aan te pakken. Kort gaan ze in op historische en culturele factoren. Deze zijn medebepalend in onze visie over wat normaal is en wat niet. Het boek is vooral bedoeld voor de maatschappelijk werker en de cultureel werker die in contact komen met diverse mensen, al dan niet in nood, of met mensen die last hebben van andere mensen. Het gaat in op elementen die zowel individueel als relationeel bepaald en bepalend zijn. Het pleit voor een integrale aanpak van de cliënt en zijn of haar leefomgeving en voor een goede samenwerking tussen GGZ-professionals en andere hulpverleners. Want ook de breed en generiek opgeleide welzijnswerker kan werken met mensen met een psychiatrisch ziektebeeld. Bijzonder is dat de schrijvers wijzen op de kracht van intuïtie bij het signaleren van psychiatrische problematiek. 'Wat is gek?' is een vlot geschreven boek in toegankelijk taalgebruik. Een aanrader voor studenten in de sociale en (para)medische sector.
Marianne Lenkhoff — Maatwerk - Vakblad voor maatschappelijk werk · over Wat is gek?
Werkte samen met