

Artikel 12 Sv. is een vreemde eend in de bijt. Met een eenvoudig briefje kunnen burgers bij de gerechtshoven klagen over de beslissing van een officier van justitie om een strafbaar feit niet (verder) te vervolgen. Bij toewijzing van het beklag moet het Openbaar Ministerie tegen wil en dank de zaak voor de strafrechter brengen. Staatsrechtelijk is dat, minst genomen, een bijzondere figuur. Hoe moet de beslissing van de officier van justitie worden getoetst? En wat is de rol van de advocaten-generaal, de vertegenwoordigers van het O.M. bij de hoven, die het best oneens kunnen zijn met de beslissing van de officier van justitie? En hoe verloopt de beklagprocedure in de praktijk? Dit boekje, geschreven door leden van het Amsterdamse gerechtshof en een aan het ressortsparket Amsterdam verbonden advocaat-generaal, probeert op deze vragen een antwoord te geven.
In het kort
ISBN-13
9789069165363
Uitgever
Verschenen
1 januari 2004
Bibliografisch
ISBN-139789069165363
SeriePrinsengrachtreeks — deel 2004
Editie1
TaalNederlands dut
Pagina’s173
GeïllustreerdNee
Uitgave
UitgeverJuridische Uitgeverij Ars Aequi
CB-relatie-id7200759
Verschenen1 januari 2004
StatusOnbekend 00
Vorm & inhoud
ProductvormHardback BB
SamenstellingLos product
Classificatie
NUR (hoofd)Recht algemeen 820
NUR (alle)820 Recht algemeen
Medewerkers
Herkomst
Werk-id (NSTC)500699878
MeldingBevestigd bij publicatie 03
Bijgewerkt6 augustus 2026
Lijkt op dit boek
NSTC 500699878 · CB-relatie 7200759 · Bijgewerkt 6 augustus 2026









