

De Franse kaarten van Drenthe 1811-1813
Losse kaartNederlands
Tussen 1811 en 1813 hebben Franse, Nederlandse en Duitse militaire ingenieurs onder leiding van de chef descadron dEpailly een groot deel van Drenthe in kaart gebracht. De 24 kaarten die zij vervaardigden vormen voor het gekarteerde gebied de oudste gedetailleerde afbeeldingen. Boerderijen, huizen en andere bebouwing in de dorpen en steden worden elk apart getoond. Details van het landschap, zoals bijvoorbeeld het grondgebruik, moerassen, stuifzandgebieden, bossen en riviertjes zijn zorgvuldig opgetekend.
De kaarten brengen voor ons het landschap in het begin van de negentiende eeuw tot leven, de tijd vóór de industriële revolutie en vóór de grote bevolkingsgroei en de landschappelijke transformatie van ons land. Drenthe was toen dun bevolkt; er woonden nog slechts 41.000 mensen. Heidevelden en venen bedekten het grootste deel van de provincie. De venen waren nog grotendeels ongeschonden. Slechts in enkele plaatsen, zoals bij Hoogeveen en Smilde, was de ontginning op gang gekomen. Op de heidevelden dwaalden de herders met hun schaapskudden, met in die uitgestrektheid de dorpen, die slechts door zandwegen met elkaar waren verbonden.
De reden voor de kartering door de Fransen was de wens van Napoleon - ons land was toen ingelijfd bij Frankrijk over een goede kaart van Nederland te kunnen beschikken. Op initiatief van het bestuur van de inmiddels opgeheven Bataafse Republiek werkte luitenant-kolonel Krayenhoff al sinds 1798 aan een kaart van het gehele land, die voor dit doel kon dienen. Voor enkele gebieden, waaronder een groot deel van Drenthe en een deel van Noordwest Overijssel, kon die kaart echter niet worden voltooid omdat onvoldoende cartografische gegevens beschikbaar waren. De Franse werkzaamheden in deze gebieden, die zouden resulteren in de in deze atlas opgenomen kaarten, moesten dat manco opheffen.
De kaarten brengen voor ons het landschap in het begin van de negentiende eeuw tot leven, de tijd vóór de industriële revolutie en vóór de grote bevolkingsgroei en de landschappelijke transformatie van ons land. Drenthe was toen dun bevolkt; er woonden nog slechts 41.000 mensen. Heidevelden en venen bedekten het grootste deel van de provincie. De venen waren nog grotendeels ongeschonden. Slechts in enkele plaatsen, zoals bij Hoogeveen en Smilde, was de ontginning op gang gekomen. Op de heidevelden dwaalden de herders met hun schaapskudden, met in die uitgestrektheid de dorpen, die slechts door zandwegen met elkaar waren verbonden.
De reden voor de kartering door de Fransen was de wens van Napoleon - ons land was toen ingelijfd bij Frankrijk over een goede kaart van Nederland te kunnen beschikken. Op initiatief van het bestuur van de inmiddels opgeheven Bataafse Republiek werkte luitenant-kolonel Krayenhoff al sinds 1798 aan een kaart van het gehele land, die voor dit doel kon dienen. Voor enkele gebieden, waaronder een groot deel van Drenthe en een deel van Noordwest Overijssel, kon die kaart echter niet worden voltooid omdat onvoldoende cartografische gegevens beschikbaar waren. De Franse werkzaamheden in deze gebieden, die zouden resulteren in de in deze atlas opgenomen kaarten, moesten dat manco opheffen.
In het kort
ISBN-13
9789077922637
Uitgever
Verschenen
1 augustus 2010
Bibliografisch
ISBN-139789077922637
Editie1
TaalNederlands dut
GeïllustreerdJa
Uitgave
UitgeverBarkhuis Publishing
CB-relatie-id9428773
Verschenen1 augustus 2010
StatusInactief 08
BeschikbaarheidContact leverancier 99
Adviesprijs (incl. btw)€ 34,50
Vorm & inhoud
ProductvormLosse kaart CA
SamenstellingPakket (meerdelig)
Classificatie
NUR (hoofd)Regionale geografie 904
NUR (alle)904 Regionale geografie
Medewerkers
Auteur A01H.J. Versfelt
Herkomst
Werk-id (NSTC)500299204
MeldingBevestigd bij publicatie 03
Bijgewerkt6 augustus 2026
Lijkt op dit boek
NSTC 500299204 · CB-relatie 9428773 · Bijgewerkt 6 augustus 2026









