

De God van kleine dingen
Arundhati Roy’s 'De God van Kleine Dingen' is een moderne klassieker en een wereldwijd geliefde roman over familie, liefde, verlies en de breuklijnen van de Indiase samenleving. Het bekroonde debuut wordt vaak in één adem genoemd met het werk van Faulkner en Dickens en maakte Roy in één klap tot een internationaal gevierde schrijver.
‘De vertelstem van Roy is zo uitzonderlijk, moreel indringend en rijk aan verbeelding tegelijk, dat je van begin tot eind betoverd blijft.’ The New York Times
In 1969 komt de beeldschone Sophie op bezoek bij haar familie in Kerala. Haar komst zet het leven van de zevenjarige tweeling Estha en Rahel volledig op zijn kop. Wat volgt is een zomer vol verboden verlangens, familiegeheimen en tragische gebeurtenissen die de familie voorgoed zullen tekenen.
Tegen de achtergrond van een India dat politiek en sociaal snel verandert, vertelt Roy een indringend verhaal over liefde, klasse, ongelijkheid en de gevolgen van wat mensen elkaar aandoen. Met haar poëtische, speelse en volstrekt eigen stijl maakt ze van een familiegeschiedenis een universeel verhaal over de grote dingen die onuitgesproken blijven.
‘Een echt ambitieuze roman moet zijn eigen taal uitvinden, en dat doet deze.’ John Updike, The New Yorker
''Een epische roman.' NRC
'Een droomdebuut.' Trouw









