
n 1938 vlucht de Joodse familie Kamp uit Krefeld naar Nederland. Het gezin bestaat uit vader Fritz, moeder Inge en twee kleine zoontjes, Rolf en Nico. Ook in Nederland zijn ze niet veilig. Na de Duitse inval verslechtert de situatie voor Joden stapsgewijs. De ouders worden geïnterneerd in Westerbork, terwijl Rolf en Nico op dertien onderduikadressen de oorlog doorkomen. Vader en moeder zijn met het laatste transport van Westerbork naar Auschwitz gesleept. Fritz is daar direct na aankomst vermoord. Inge overleeft de hel. In dit boek zijn de herinneringen van Inge, Rolf en Nico bijeengebracht. In bescheiden autobiografische notities doen ze verslag van hun ervaringen. De historicus Coen Hilbrink schreef een essay dat deze oorlogsmemoires in context plaatst. Het voorwoord is van de hand van oud-Kamervoorzitter Gerdi Verbeet.Inge Kamp (1911-2009) was na de oorlog actief in de Joodse gemeenschap van het Zwitserse Lugano, waar ze zich in 1963 vestigde. Rolf Kamp (1934) is ingenieur en woont in Amsterdam. Nico Kamp (1937) is politicoloog en vervult de functie van honorair Consul-Generaal der Nederlanden in Florence. Coen Hilbrink (1944) publiceerde diverse studies over WOII en de illegaliteit, waaronder zijn proefschrift De illegalen (1989). Hij woont in Zutphen.
In het kort
ISBN-13
9789049026110
Uitgever
Verschenen
25 april 2013
Bibliografisch
ISBN-139789049026110
Editie2
TaalNederlands dut
Pagina’s128
GeïllustreerdNee
Uitgave
Vorm & inhoud
ProductvormPaperback BC
SamenstellingLos product
Classificatie
NUR (hoofd)Moderne geschiedenis (1870-heden) 686
NUR (alle)686 Moderne geschiedenis (1870-heden)
Herkomst
Werk-id (NSTC)500243577
MeldingBevestigd bij publicatie 03
Bijgewerkt6 augustus 2026
Lijkt op dit boek
NSTC 500243577 · CB-relatie 7700860 · Bijgewerkt 6 augustus 2026









