

De Muur wordt gevuld door auteurs met liefde voor wielrennen én voor schrijven, en die liefdes gaan nooit meer over.Dit zijn de maanden van het rijke voorjaar en de vroege zomer, sinds mensenheugenis de tijd waarin de wielerliefhebber opbloeit, het geluk hervindt en fluitend uit bed stapt. Koers! En niet de een of andere koers in de Australische outback of een woestijn aan de Rode Zee, maar échte koers, met echte kasseien en ander ongemak.
Voor de redactie is het maken van De Muur altijd een feestje, maar de voorjaars-Muur is extra bijzonder, alsof de Muur-auteurs de bidon hebben gevuld met inspirerende toverdrank en zij de pen met extra zwier hanteren.
Nando Boers en Wiep Idzenga, al heel lang twee van de sterkhouders van De Muur, richtten de blik noordwaarts, naar Denemarken, het land van Søren Kragh-Andersen en Rolf Sørensen. Idzenga maakte zijn gebruikelijke reis in de tijd, en keerde terug naar het voorjaar van 1993, toen Sørensen in Luik-Bastenaken-Luik van zijn ploeggenoot Stephen Roche opdracht kreeg naar een kopgroep toe te rijden – het begin van een spannend wielerverhaal.
Boers sprak lang en indringend met Søren Kragh-Andersen, voormalig ploeggenoot van Tom Dumoulin én Mathieu van der Poel. Søren is een bijzondere wielrenner: hij opent zijn koelkast en kijkt wat er zoal te bikken valt. Dat klinkt tamelijk normaal, maar met die laconieke instelling is hij zo langzamerhand een uitzondering in het peloton aan het worden.
Sam Oomen schrijft over zijn allereerste Amstel Gold Race, op dertienjarige leeftijd. De Nederlandse klassieker was toen al zwaar en heftig. Mark de Bruijn volgde de pogingen van Taco van der Hoorn om het einde van zijn loopbaan nog even uit te stellen en terug te keren in het peloton. Erik Brouwer reconstrueert het leven van Mario Ferretti, fascistisch wielercommentator voor de Rai en vriend van Fausto Coppi, die na de oorlog zijn stiel weer oppakte, tot hij met de noorderzon verdween naar de andere kant van de oceaan. Herman Chevrolet maakt zijn rentree in de kopgroep van het wielrennen met een verhaal over een Fransman die ook zijn vaderland verliet, de plas overstak en in Colombia terecht kwam.
Onze huisdichter Willie Verhegghe vereeuwigt op poëtische wijze Bobbie Traksel, Mathieu van der Poel en Bram Tankink en Renate Verhoofstad zocht Fabio Baldato in Waregem op om het nog eens te hebben over die val in Parijs-Roubaix en nog veel meer.
En dan de belangrijke slotvraag: overleeft het wielrennen de dominantie van Tadej Pogačar? En zo ja, hoe dan? We vroegen onze wielerfilosoof Frank Heinen zich over deze cruciale kwestie te buigen. Franks antwoord getuigt van optimisme en hoop: het is lente!
Voor de redactie is het maken van De Muur altijd een feestje, maar de voorjaars-Muur is extra bijzonder, alsof de Muur-auteurs de bidon hebben gevuld met inspirerende toverdrank en zij de pen met extra zwier hanteren.
Nando Boers en Wiep Idzenga, al heel lang twee van de sterkhouders van De Muur, richtten de blik noordwaarts, naar Denemarken, het land van Søren Kragh-Andersen en Rolf Sørensen. Idzenga maakte zijn gebruikelijke reis in de tijd, en keerde terug naar het voorjaar van 1993, toen Sørensen in Luik-Bastenaken-Luik van zijn ploeggenoot Stephen Roche opdracht kreeg naar een kopgroep toe te rijden – het begin van een spannend wielerverhaal.
Boers sprak lang en indringend met Søren Kragh-Andersen, voormalig ploeggenoot van Tom Dumoulin én Mathieu van der Poel. Søren is een bijzondere wielrenner: hij opent zijn koelkast en kijkt wat er zoal te bikken valt. Dat klinkt tamelijk normaal, maar met die laconieke instelling is hij zo langzamerhand een uitzondering in het peloton aan het worden.
Sam Oomen schrijft over zijn allereerste Amstel Gold Race, op dertienjarige leeftijd. De Nederlandse klassieker was toen al zwaar en heftig. Mark de Bruijn volgde de pogingen van Taco van der Hoorn om het einde van zijn loopbaan nog even uit te stellen en terug te keren in het peloton. Erik Brouwer reconstrueert het leven van Mario Ferretti, fascistisch wielercommentator voor de Rai en vriend van Fausto Coppi, die na de oorlog zijn stiel weer oppakte, tot hij met de noorderzon verdween naar de andere kant van de oceaan. Herman Chevrolet maakt zijn rentree in de kopgroep van het wielrennen met een verhaal over een Fransman die ook zijn vaderland verliet, de plas overstak en in Colombia terecht kwam.
Onze huisdichter Willie Verhegghe vereeuwigt op poëtische wijze Bobbie Traksel, Mathieu van der Poel en Bram Tankink en Renate Verhoofstad zocht Fabio Baldato in Waregem op om het nog eens te hebben over die val in Parijs-Roubaix en nog veel meer.
En dan de belangrijke slotvraag: overleeft het wielrennen de dominantie van Tadej Pogačar? En zo ja, hoe dan? We vroegen onze wielerfilosoof Frank Heinen zich over deze cruciale kwestie te buigen. Franks antwoord getuigt van optimisme en hoop: het is lente!
In het kort
ISBN-13
9789462310759
Uitgever
Verschenen
26 maart 2025
Imprint
Bibliografisch
ISBN-139789462310759
Editie1
TaalNederlands dut
Pagina’s160
GeïllustreerdJa
Uitgave
UitgeverUitgeverij De Muur
ImprintDe Muur
CB-relatie-id6417077
Verschenen26 maart 2025
StatusInactief 08
BeschikbaarheidContact leverancier 99
Adviesprijs (incl. btw)€ 16,95
Vorm & inhoud
ProductvormPaperback BC
SamenstellingLos product
Classificatie
NUR (hoofd)Sport en spel algemeen 480
NUR (alle)480 Sport en spel algemeen
Medewerkers
Auteur A01Diverse auteurs
Herkomst
Werk-id (NSTC)501622910
MeldingBevestigd bij publicatie 03
Bijgewerkt6 augustus 2026
Lijkt op dit boek
NSTC 501622910 · CB-relatie 6417077 · Bijgewerkt 6 augustus 2026









