

Daniël, een drillrapper uit Amsterdam, kan niet rouwen om zijn moeder. Wanneer Tili, de sekswerker die hij vroeger bezocht, spoorloos verdwijnt, raakt hij verstrikt in een gewelddadige zoektocht naar haar.
Ook Margot zoekt Tili, de vrouw die haar dochter bij haar heeft achtergelaten. In een garagebox in dezelfde stad houdt een groep marxisten zich schuil na een mislukte, gewelddadige ontvoering van de minister-president. Ze staan voor de vraag hoever ze nog willen gaan en wat ze bereid zijn te vernietigen.
In koortsig, lyrisch proza weeft Alara Adilow al deze levens samen tot één etmaal waarin de stad haar adem inhoudt.









