

Gedichten zijn woorden, die stromen. Gelukkig maar, want stilstaand water stinkt. Niet zelden stromen ze onstuimig en ruig. Als zilte tranen, meegevoerd in een kolkende rivier. Waar 't leven breekt, in woeste golven. Ook in de gedichten van Rudolf van Ooijen glinstert er iets van door. Zo wanen we ons in deze tweede gedichtenbundel aan de oevers van een kabbelende beek.
In het maanlicht van een ontluikende voorjaarsnacht. Door het betoverende schijnsel, ontwaren we vaag nog de verwoestende wintersporen. Opgetild en meegenomen keren we, langs strofe en wending, door een soms wild meanderende stroom.
In het maanlicht van een ontluikende voorjaarsnacht. Door het betoverende schijnsel, ontwaren we vaag nog de verwoestende wintersporen. Opgetild en meegenomen keren we, langs strofe en wending, door een soms wild meanderende stroom.
In het kort
Bibliografisch
ISBN-139789048431441
Editie1
TaalNederlands dut
Pagina’s62
GeïllustreerdNee
Uitgave
Vorm & inhoud
ProductvormPaperback BC
SamenstellingLos product
Classificatie
NUR (hoofd)Poëzie 306
NUR (alle)306 Poëzie
Medewerkers
Auteur A01Rudolf van Ooijen
Herkomst
Werk-id (NSTC)100017598
MeldingBevestigd bij publicatie 03
Bijgewerkt6 augustus 2026
Lijkt op dit boek
NSTC 100017598 · CB-relatie 6887427 · Bijgewerkt 6 augustus 2026









