Catalogus
Omslag van Een bewogen fundament

Een bewogen fundament De filosofische grondslagen van de bewegingswetenschappen

Paperback160 pagina’sNederlands
Ook verkrijgbaar als
Filosofie en bewegingswetenschappen zijn academische disciplines die mijlenver uit elkaar lijken te liggen. Filosofen buigen zich over dikke boeken en worstelen met vragen over wat waarheid is en of er een fundament bestaat van ethische principes. Bewegingswetenschappers proberen menselijk bewegen te begrijpen en te optimaliseren. Toch zijn theorien over menselijk en dierlijk bewegen gebaseerd op filosofische aannames die vaak het resultaat zijn van eeuwenoude debatten. Is bewegen het resultaat van een brein dat een lichaam aanstuurt? Kunnen we met behulp van de wetten van de mechanica menselijke bewegingen verklaren? Kunnen we het gedrag van mensen met dezelfde concepten verklaren als het gedrag van dieren? Wordt de essentie van een beweging bepaald door het mechanisme dat haar veroorzaakt of door het doel dat ze dient? In dit boek worden deze vragen onderzocht in hun historische context.Rob Withagen is theoretisch psycholoog en als universitair docent verbonden aan het Centrum voor Bewegingswetenschappen van het Universitair Medisch Centrum Groningen en de Rijksuniversiteit Groningen. Naast het verzorgen van filosofieonderwijs onderzoekt en ontwikkelt hij de ecologische benadering binnen de bewegingswetenschappen.
Recensies
Het boek is vlot geschreven en ik heb ervan genoten om in ieder hoofdstuk ook te mogen lezen over het leven van beroemde en baanbrekende denkers. Een bewogen fundament is voor (aankomende) bewegingswetenschappers zeker de moeite van het bestuderen waard. De nadrukkelijke aandacht voor de actietheorie, naast de veelal gebruikte motortheorie binnen de bewegingswetenschappen, is belangrijk en betekenisvol. In het boek staan filosofische aannames centraal die aan de basis liggen voor het verklaren van menselijk en dierlijk bewegen. De motor-actie tegenstelling is het centrale thema hierin. Vanuit een historisch perspectief wordt de lezer meegenomen door de eeuwen heen. Na een korte introductie over de motortheorie en de actietheorie, welke voortkomen uit twee uiteenlopende intellectuele tradities die hun wortels hebben bij Parmenides, Plato en Aristoteles, begint de reis door de geschiedenis. Hoewel Withagen geen wetenschapshistoricus is, volgens eigen zeggen, maar een theoretisch psycholoog, weet hij de ontwikkelingen over het denken met betrekking tot verklaren van bewegen door de tijd boeiend te schetsen. Ieder hoofdstuk start met een schets van het leven van een of meer wetenschappers alias filosofen. Daarna wordt ingegaan op hun denkbeelden en de wetenschappelijke onderbouwing daarvan. In de hoofdstukken twee tot en met vier staat de mechanisering van natuur, dier en mens centraal. De denkers die aan de orde komen in hoofdstuk 2 zijn Galilei en Newton. Hoofdstuk 3 staat in het licht van het leven en werken van Descartes en in het hoofdstuk 'mens als machine' komt het gedachtegoed van Borelli, Hobbes, Vaucanson en De Lamettrie aan de orde. In de volgende hoofdstukken wordt de mechanisering van het wereldbeeld, het denken volgens de motortheorie, bediscussieerd respectievelijk bekritiseerd en komt de actietheorie meer en meer aan bod. In de tijd van de Romantiek, die rond 1790 begon, werd afstand genomen van de machinemetafoor. Het leven en werken van Kant, Goethe en Blumenbach komt aan de orde. "Dieren zijn geen uurwerken die eeuwenlang volgens hetzelfde patroon bewegen, maar organisch gehelen die actief zijn en veranderen over de tijd. "(p92). Het leven en werken van Darwin staat centraal in hoofdstuk 6. Met zijn evolutieleer nam hij afstand van de mechanisering van het wereldbeeld en beweerde dat zelfs het gedrag van lagere dieren flexibel, functioneel en intelligent is. In het volgende hoofdstuk gaat het over de ecologische psychologie. Het leven en werken van Gibson komt uitgebreid aan de orde en ook de actietheorie van Reed komt aan bod. In het laatste hoofdstuk 'de theorie van zelforganisatie' wordt onder meer ingegaan op het werk van Haken en Gottlieb. Volgens Gottlieb ontstaan organismen vanuit een wederkerige beïnvloeding van genen, neurale activiteit, gedrag en de sociale, culturele en fysische omgeving (p.137) De bewegingswetenschappen hebben volgens Withagen concepten nodig waarmee zelforganiserende processen begrepen kunnen worden. De motortheorie, gebaseerd op de mechanica, is daar niet geschikt.
Hilde Bax — Lichamelijk Oefening — 27 juni 2014
In het kort
ISBN-13
9789490951139
Verschenen
28 oktober 2013

Lijkt op dit boek

NSTC 500115115 · CB-relatie 7536717 · Bijgewerkt 6 augustus 2026
Bestel bij bol →
← Terug naar resultaten
Omslag van Een bewogen fundament

Een bewogen fundament

De filosofische grondslagen van de bewegingswetenschappen
Paperback160 pagina’sNederlands
Ook verkrijgbaar als
Filosofie en bewegingswetenschappen zijn academische disciplines die mijlenver uit elkaar lijken te liggen. Filosofen buigen zich over dikke boeken en worstelen met vragen over wat waarheid is en of er een fundament bestaat van ethische principes. Bewegingswetenschappers proberen menselijk bewegen te begrijpen en te optimaliseren. Toch zijn theorien over menselijk en dierlijk bewegen gebaseerd op filosofische aannames die vaak het resultaat zijn van eeuwenoude debatten. Is bewegen het resultaat van een brein dat een lichaam aanstuurt? Kunnen we met behulp van de wetten van de mechanica menselijke bewegingen verklaren? Kunnen we het gedrag van mensen met dezelfde concepten verklaren als het gedrag van dieren? Wordt de essentie van een beweging bepaald door het mechanisme dat haar veroorzaakt of door het doel dat ze dient? In dit boek worden deze vragen onderzocht in hun historische context.Rob Withagen is theoretisch psycholoog en als universitair docent verbonden aan het Centrum voor Bewegingswetenschappen van het Universitair Medisch Centrum Groningen en de Rijksuniversiteit Groningen. Naast het verzorgen van filosofieonderwijs onderzoekt en ontwikkelt hij de ecologische benadering binnen de bewegingswetenschappen.
Recensies
Het boek is vlot geschreven en ik heb ervan genoten om in ieder hoofdstuk ook te mogen lezen over het leven van beroemde en baanbrekende denkers. Een bewogen fundament is voor (aankomende) bewegingswetenschappers zeker de moeite van het bestuderen waard. De nadrukkelijke aandacht voor de actietheorie, naast de veelal gebruikte motortheorie binnen de bewegingswetenschappen, is belangrijk en betekenisvol. In het boek staan filosofische aannames centraal die aan de basis liggen voor het verklaren van menselijk en dierlijk bewegen. De motor-actie tegenstelling is het centrale thema hierin. Vanuit een historisch perspectief wordt de lezer meegenomen door de eeuwen heen. Na een korte introductie over de motortheorie en de actietheorie, welke voortkomen uit twee uiteenlopende intellectuele tradities die hun wortels hebben bij Parmenides, Plato en Aristoteles, begint de reis door de geschiedenis. Hoewel Withagen geen wetenschapshistoricus is, volgens eigen zeggen, maar een theoretisch psycholoog, weet hij de ontwikkelingen over het denken met betrekking tot verklaren van bewegen door de tijd boeiend te schetsen. Ieder hoofdstuk start met een schets van het leven van een of meer wetenschappers alias filosofen. Daarna wordt ingegaan op hun denkbeelden en de wetenschappelijke onderbouwing daarvan. In de hoofdstukken twee tot en met vier staat de mechanisering van natuur, dier en mens centraal. De denkers die aan de orde komen in hoofdstuk 2 zijn Galilei en Newton. Hoofdstuk 3 staat in het licht van het leven en werken van Descartes en in het hoofdstuk 'mens als machine' komt het gedachtegoed van Borelli, Hobbes, Vaucanson en De Lamettrie aan de orde. In de volgende hoofdstukken wordt de mechanisering van het wereldbeeld, het denken volgens de motortheorie, bediscussieerd respectievelijk bekritiseerd en komt de actietheorie meer en meer aan bod. In de tijd van de Romantiek, die rond 1790 begon, werd afstand genomen van de machinemetafoor. Het leven en werken van Kant, Goethe en Blumenbach komt aan de orde. "Dieren zijn geen uurwerken die eeuwenlang volgens hetzelfde patroon bewegen, maar organisch gehelen die actief zijn en veranderen over de tijd. "(p92). Het leven en werken van Darwin staat centraal in hoofdstuk 6. Met zijn evolutieleer nam hij afstand van de mechanisering van het wereldbeeld en beweerde dat zelfs het gedrag van lagere dieren flexibel, functioneel en intelligent is. In het volgende hoofdstuk gaat het over de ecologische psychologie. Het leven en werken van Gibson komt uitgebreid aan de orde en ook de actietheorie van Reed komt aan bod. In het laatste hoofdstuk 'de theorie van zelforganisatie' wordt onder meer ingegaan op het werk van Haken en Gottlieb. Volgens Gottlieb ontstaan organismen vanuit een wederkerige beïnvloeding van genen, neurale activiteit, gedrag en de sociale, culturele en fysische omgeving (p.137) De bewegingswetenschappen hebben volgens Withagen concepten nodig waarmee zelforganiserende processen begrepen kunnen worden. De motortheorie, gebaseerd op de mechanica, is daar niet geschikt.
Hilde Bax — Lichamelijk Oefening — 27 juni 2014
In het kort
ISBN-13
9789490951139
Verschenen
28 oktober 2013

Lijkt op dit boek

Alles bekijken →
NSTC 500115115 · CB-relatie 7536717 · Bijgewerkt 6 augustus 2026