
Eenheid in verscheidenheid? de juridische betekenis van de doelstelling van behoud van biologische diversiteit in het Biodiversiteitsverdrag
PaperbackNederlands
De juridische betekenis van de doelstelling van behoud van biologische diversiteit in het Biodiversiteitsverdrag.
Dit boek is het resultaat van een project dat deel uitmaakte van een mede door NWO gefinancierd PIONIER-programma, getiteld The Importance of Ideals in Law, Morality and Politics, 1996 en 2002 ( Universiteit van Tilburg). Doelstelling van dit interdisciplinaire programma was het voor het voetlicht brengen van de rol die idealen, naast onder meer regels en beginselen, kunnen spelen in theorievorming omtrent recht, moraal en politiek.
Met betrekking tot het behoud van biodiversiteit, dat volgens de binnen het programma gehanteerde omschrijving als ideaal kan worden aangemerkt, werd vooral de vraag interessant gevonden op welke manier een ideaal met een relatief zo korte geschiedenis een rol kan spelen in een vakgebied dat zo zeer in ontwikkeling is als het (internationale) milieu- en natuurbeschermingsrecht. Die vraag heeft dan ook aan de basis gelegen van het nu voorliggende boek. De uiteindelijke uitwerking heeft vooral de vorm gekregen van een zoektocht naar de betekenis die de, zo aansprekende maar zo weinig concrete, doelstelling van biodiversiteitsbehoud kan hebben voor het geldend recht op het gebied van de natuurbescherming. Een stimulans daarbij vormde de constatering dat beschouwingen en commentaren op het Biodiversiteitsverdrag, het belangrijkste document waarin het behoud van biodiversiteit als doelstelling is vastgelegd, over het algemeen ofwel ervan uitgaan dat het verdrag hét logische sluitstuk vormt van de ontwikkeling van het natuurbeschermingsrecht en daarmee een soort allesomvattend kader vormt, ofwel het als betekenisloos terzijde leggen onder verwijzing naar het vage en voorwaardelijke karakter van de bepalingen die erin zijn opgenomen. Een minder oppervlakkige en serieuzere analyse van het verdrag en de daaraan ten grondslag liggende doelstelling van biodiversiteitsbehoud, en van de manier waarop beide kunnen doorwerken in het internationale en nationale recht, ontbrak.
Dit boek is een poging om althans deels in dat gemis te voorzien. Daarbij is dankbaar gebruik gemaakt van het meer rechtstheoretische werk van andere leden van de onderzoeksgroep, in het bijzonder met betrekking tot de rol die beginselen in dit opzicht kunnen spelen.
Dit boek is het resultaat van een project dat deel uitmaakte van een mede door NWO gefinancierd PIONIER-programma, getiteld The Importance of Ideals in Law, Morality and Politics, 1996 en 2002 ( Universiteit van Tilburg). Doelstelling van dit interdisciplinaire programma was het voor het voetlicht brengen van de rol die idealen, naast onder meer regels en beginselen, kunnen spelen in theorievorming omtrent recht, moraal en politiek.
Met betrekking tot het behoud van biodiversiteit, dat volgens de binnen het programma gehanteerde omschrijving als ideaal kan worden aangemerkt, werd vooral de vraag interessant gevonden op welke manier een ideaal met een relatief zo korte geschiedenis een rol kan spelen in een vakgebied dat zo zeer in ontwikkeling is als het (internationale) milieu- en natuurbeschermingsrecht. Die vraag heeft dan ook aan de basis gelegen van het nu voorliggende boek. De uiteindelijke uitwerking heeft vooral de vorm gekregen van een zoektocht naar de betekenis die de, zo aansprekende maar zo weinig concrete, doelstelling van biodiversiteitsbehoud kan hebben voor het geldend recht op het gebied van de natuurbescherming. Een stimulans daarbij vormde de constatering dat beschouwingen en commentaren op het Biodiversiteitsverdrag, het belangrijkste document waarin het behoud van biodiversiteit als doelstelling is vastgelegd, over het algemeen ofwel ervan uitgaan dat het verdrag hét logische sluitstuk vormt van de ontwikkeling van het natuurbeschermingsrecht en daarmee een soort allesomvattend kader vormt, ofwel het als betekenisloos terzijde leggen onder verwijzing naar het vage en voorwaardelijke karakter van de bepalingen die erin zijn opgenomen. Een minder oppervlakkige en serieuzere analyse van het verdrag en de daaraan ten grondslag liggende doelstelling van biodiversiteitsbehoud, en van de manier waarop beide kunnen doorwerken in het internationale en nationale recht, ontbrak.
Dit boek is een poging om althans deels in dat gemis te voorzien. Daarbij is dankbaar gebruik gemaakt van het meer rechtstheoretische werk van andere leden van de onderzoeksgroep, in het bijzonder met betrekking tot de rol die beginselen in dit opzicht kunnen spelen.
In het kort
ISBN-13
9789058503657
Uitgever
Verschenen
27 juni 2008
Bibliografisch
ISBN-139789058503657
Editie1
TaalNederlands dut
GeïllustreerdNee
Uitgave
Vorm & inhoud
ProductvormPaperback BC
SamenstellingLos product
Classificatie
NUR (hoofd)Internationaal (publiek)recht 828
NUR (alle)828 Internationaal (publiek)recht
Medewerkers
Auteur A01T.A. Oudenaarden
Herkomst
Werk-id (NSTC)500279983
MeldingBevestigd bij publicatie 03
Bijgewerkt6 augustus 2026
Lijkt op dit boek

Natuurbeschermingsrecht in uitvoering

Natuur in de omgevingswet

Milieurecht in transitie

Effectgerichte normen in het omgevingsrecht

De Europees- en internationaalrechtelijke status van de Waddenzee

Gebiedsbescherming in de Wet natuurbescherming

Het beheerplan voor natura 2000-gebieden

Geen leven zonder biodiversiteit

Vertrouwen in de Omgevingswet

Integrated Environmental Permitting
NSTC 500279983 · CB-relatie 8037459 · Bijgewerkt 6 augustus 2026