

Fundamentele rechten, in de zin van grondrechten en mensenrechten, zijn oorspronkelijk geformuleerd met het oog op bescherming van burgers tegen de overheid. Hun universele karakter heeft evenwel ook een ruimere betekenis die doorwerkt in het privaatrecht en meer bijzonder in het vermogensrecht. Daarbij speelt een rol dat het Europees Hof voor de Rechten van de Mens en het Hof van Justitie van de EU aan de werking van grondrechten in hun rechtspraak een
zo vergaande strekking geven dat zij het nationale privaatrecht fundamenteel
raken en de wetgever en de rechter er in het privaatrecht niet omheen kunnen. Dat leidt tot vele 'grote' en 'kleine' vragen op het gebied van het vermogensrecht. Enkele daarvan worden in deze bundel belicht.
Is het Nederlandse uitlegstelsel voldoende receptief voor mensenrechtelijke
overwegingen? Zijn het Nederlandse huurprijzenrecht en de legitieme portie in het erfrecht toegestane beperkingen van het recht op eigendom? Biedt het Nederlandse schadevergoedingsrecht bij overlijden voldoende bescherming in het licht van handhaving van het recht op leven? Wordt het huisrecht van de onderhuurder in het Nederlandse recht eigenlijk niet teveel beschermd? Hoe kunnen schendingen van fundamentele rechten, zoals het recht op zelfbeschikking,
het beste worden 'vergoed'? Doet het Nederlandse recht voldoende recht bij schending van de verplichting om binnen een redelijke termijn recht te spreken? Wie draagt de kosten van een 'rechtzetting' na schending van een fundamenteel recht? Is de toegang tot de rechter niet hoe dan ook in gevaar door een - steeds
hogere - kostendrempel?
De bijdragen vormen telkens een verslag van onderzoek naar een vermogensrechtelijk (of civielprocesrechtelijk) thema dat verband houdt met een of meer fundamentele rechten. De rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens vormt daarbij doorgaans een belangrijk baken.
Met het schrijven van hun bijdrage aan dit boek voltooiden de auteurs - onder begeleiding van de redacteuren - hun privaatrechtelijke masteropleiding aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
zo vergaande strekking geven dat zij het nationale privaatrecht fundamenteel
raken en de wetgever en de rechter er in het privaatrecht niet omheen kunnen. Dat leidt tot vele 'grote' en 'kleine' vragen op het gebied van het vermogensrecht. Enkele daarvan worden in deze bundel belicht.
Is het Nederlandse uitlegstelsel voldoende receptief voor mensenrechtelijke
overwegingen? Zijn het Nederlandse huurprijzenrecht en de legitieme portie in het erfrecht toegestane beperkingen van het recht op eigendom? Biedt het Nederlandse schadevergoedingsrecht bij overlijden voldoende bescherming in het licht van handhaving van het recht op leven? Wordt het huisrecht van de onderhuurder in het Nederlandse recht eigenlijk niet teveel beschermd? Hoe kunnen schendingen van fundamentele rechten, zoals het recht op zelfbeschikking,
het beste worden 'vergoed'? Doet het Nederlandse recht voldoende recht bij schending van de verplichting om binnen een redelijke termijn recht te spreken? Wie draagt de kosten van een 'rechtzetting' na schending van een fundamenteel recht? Is de toegang tot de rechter niet hoe dan ook in gevaar door een - steeds
hogere - kostendrempel?
De bijdragen vormen telkens een verslag van onderzoek naar een vermogensrechtelijk (of civielprocesrechtelijk) thema dat verband houdt met een of meer fundamentele rechten. De rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens vormt daarbij doorgaans een belangrijk baken.
Met het schrijven van hun bijdrage aan dit boek voltooiden de auteurs - onder begeleiding van de redacteuren - hun privaatrechtelijke masteropleiding aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
In het kort
ISBN-13
9789089745989
Uitgever
Verschenen
19 december 2011
Serie
Imprint
Bibliografisch
Uitgave
UitgeverKoninklijke Boom uitgevers PW
ImprintBoom juridisch
CB-relatie-id7500275
Verschenen19 december 2011
StatusOnbekend 00
Vorm & inhoud
ProductvormPaperback BC
SamenstellingLos product
Classificatie
NUR (hoofd)Privaatrecht 822
NUR (alle)822 Privaatrecht
Medewerkers
Redacteur B01S.D. Lindenbergh
Redacteur B01I. Tillema
Herkomst
Werk-id (NSTC)500273146
MeldingBevestigd bij publicatie 03
Bijgewerkt6 augustus 2026
Lijkt op dit boek

De invloed van fundamentele rechten op het materiele recht

Grondrechten in het vermogensrecht

Belangenrijk burgerlijk recht

EVRM en privaatrecht: is alles van waarde weerloos?

Overlap tussen grondrechten/fundamentele rechten en privaatrechtelijke normen

Europees recht en Nederlands vermogensrecht

Grondrechten

Europese grondrechten en het Nederlandse bestuursrecht

Studenteneditie

1
NSTC 500273146 · CB-relatie 7500275 · Bijgewerkt 6 augustus 2026