

Internetjournalistiek nieuwe ethische vragen?
Voor veel mensen is het internet inmiddels een medium dat niet meer weg te denken valt uit hun dagelijks leven. Wereldwijd gaat het aantal mensen dat beschikt over een internetaansluiting, naar de 500 miljoen. In ons land maken ruim acht miljoen mensen minstens eenmaal per kwartaal gebruik van het internet. Een groot gedeelte van deze mensen gebruikt het web ook voor hun informatievoorziening. Dat kan door digitale kranten te raadplegen. Daarnaast zijn er ook talrijke nieuwssites die niet zijn voortgekomen uit de traditionele dagblad- of omroepsectoren die dagelijks nieuws brengen. Zo is inmiddels naast de dagblad-, radio- en televisiejournalistiek een nieuwe, vierde vorm van journalistiek ontstaan met eigen kenmerken als interactiviteit en hypertextualiteit. Brengt deze nieuwe vorm van journalistiek ook nieuwe morele vragen met zich mee die kenmerkend zijn voor deze manier van journalistiek bedrijven? Of zijn het de klassieke kwesties, nu in een elektronisch jasje? En hoe gaat de journalistieke beroepsgroep om met eventuele nieuwe vragen? Welke antwoorden hierop zijn inmiddels geformuleerd? Welke vormen van zelfregulering ('media accountability systems') zijn of worden ontwikkeld? Dat zijn de vragen die centraal staan in deze publicatie en in het literatuuronderzoek dat daaraan ten grondslag lag. In deze publicatie worden de ontwikkelingen, vragen en reacties in kaart gebracht zonder de pretentie bij de gerezen vragen ook meteen de antwoorden te leveren. De praktijk van de internetjournalistiek is, zeker in ons land, nog zo pril, dat er nog weinig vastomlijnde antwoorden zijn.Voor veel mensen is het internet inmiddels een medium dat niet meer weg te denken valt uit hun dagelijks leven. Wereldwijd gaat het aantal mensen dat beschikt over een internetaansluiting, naar de 500 miljoen.
In ons land maken ruim acht miljoen mensen minstens eenmaal per kwartaal gebruik van het internet. Een groot gedeelte van deze mensen gebruikt het web ook voor hun informatievoorziening. Dat kan door digitale kranten te raadplegen. Daarnaast zijn er ook talrijke nieuwssites die niet zijn voortgekomen uit de traditionele dagblad- of omroepsectoren die dagelijks nieuws brengen. Zo is inmiddels naast de dagblad-, radio- en televisiejournalistiek een nieuwe, vierde vorm van journalistiek ontstaan met eigen kenmerken als interactiviteit en hypertextualiteit.
Brengt deze nieuwe vorm van journalistiek ook nieuwe morele vragen met zich mee die kenmerkend zijn voor deze manier van journalistiek bedrijven? Of zijn het de klassieke kwesties, nu in een elektronisch jasje? En hoe gaat de journalistieke beroepsgroep om met eventuele nieuwe vragen? Welke antwoorden hierop zijn inmiddels geformuleerd? Welke vormen van zelfregulering ('media accountability systems') zijn of worden ontwikkeld? Dat zijn de vragen die centraal staan in deze publicatie en in het literatuuronderzoek dat daaraan ten grondslag lag. In deze publicatie worden de ontwikkelingen, vragen en reacties in kaart gebracht zonder de pretentie bij de gerezen vragen ook meteen de antwoorden te leveren. De praktijk van de internetjournalistiek is, zeker in ons land, nog zo pril, dat er nog weinig vastomlijnde antwoorden zijn.
In ons land maken ruim acht miljoen mensen minstens eenmaal per kwartaal gebruik van het internet. Een groot gedeelte van deze mensen gebruikt het web ook voor hun informatievoorziening. Dat kan door digitale kranten te raadplegen. Daarnaast zijn er ook talrijke nieuwssites die niet zijn voortgekomen uit de traditionele dagblad- of omroepsectoren die dagelijks nieuws brengen. Zo is inmiddels naast de dagblad-, radio- en televisiejournalistiek een nieuwe, vierde vorm van journalistiek ontstaan met eigen kenmerken als interactiviteit en hypertextualiteit.
Brengt deze nieuwe vorm van journalistiek ook nieuwe morele vragen met zich mee die kenmerkend zijn voor deze manier van journalistiek bedrijven? Of zijn het de klassieke kwesties, nu in een elektronisch jasje? En hoe gaat de journalistieke beroepsgroep om met eventuele nieuwe vragen? Welke antwoorden hierop zijn inmiddels geformuleerd? Welke vormen van zelfregulering ('media accountability systems') zijn of worden ontwikkeld? Dat zijn de vragen die centraal staan in deze publicatie en in het literatuuronderzoek dat daaraan ten grondslag lag. In deze publicatie worden de ontwikkelingen, vragen en reacties in kaart gebracht zonder de pretentie bij de gerezen vragen ook meteen de antwoorden te leveren. De praktijk van de internetjournalistiek is, zeker in ons land, nog zo pril, dat er nog weinig vastomlijnde antwoorden zijn.
In het kort
ISBN-13
9789052600604
Uitgever
Verschenen
1 juli 2002
Bibliografisch
ISBN-139789052600604
SerieStudies voor het bedrijfsfonds voor de Pers — deel S 10
Editie1
TaalNederlands dut
Pagina’s92
GeïllustreerdNee
Uitgave
UitgeverAmsterdam University Press
CB-relatie-id7400597
Verschenen1 juli 2002
StatusInactief 08
BeschikbaarheidContact leverancier 99
Adviesprijs (incl. btw)€ 12,00
Vorm & inhoud
ProductvormPaperback BC
SamenstellingLos product
Classificatie
NUR (hoofd)Media en computercommunicatie 811
NUR (alle)811 Media en computercommunicatie
Medewerkers
Auteur A01H. Evers
Herkomst
Werk-id (NSTC)500711525
MeldingBevestigd bij publicatie 03
Bijgewerkt6 augustus 2026
Lijkt op dit boek

Handboek journalistieke ethiek

Kan dat zomaar?

Media-ethiek

Journalistieke cultuur in Nederland

Journalistiek in perspectief

Journalistieke kwaliteit in het crossmediale tijdperk

En wat doen we online?

Journalistiek in Nederland, 1850-2000

Guerrillawinkels, het SoCo Experiment en een volgende Big Bang

Crossmediale journalistiek
NSTC 500711525 · CB-relatie 7400597 · Bijgewerkt 6 augustus 2026