Catalogus
Omslag van Knoflook en pekel
Achterkant van Knoflook en pekel

Knoflook en pekel

HardbackNederlands
Ook verkrijgbaar als
Tijdens een zwoele zomervakantie in een arm vissersplaatsje aan de Costa Brava wordt de priesterstudent Quimet verliefd op het naaistertje Marí, het mooiste meisje van het dorp. Na een stormachtige aanzet tot
een romance moet Quimet terug naar het seminarie in Girona. Zal hij zijn soutane aan de wilgen hangen? En zo ja, zal de ambitieuze Marí voor Quimet kiezen of voor de veel oudere maar succesvolle vertegenwoordiger in fournituren, meneer Peret? In een even lyrische als sarcastische ode aan de liefde neemt De Sagarra de lezer mee van de ruige Catalaanse kust naar de statige domstad Girona en de geanimeerde marktstad Figueres, om de roman te eindigen in het surreële landschap van Cap de Creus.

Josep Maria de Sagarra (1894-1961) was een van de zeldzame kunstenaars die bij leven op handen werden gedragen door zowel collega's, critici als het grote publiek. Hij liet een omvangrijk oeuvre na, in vrijwel alle literaire genres. 'Knoflook en pekel, De Sagarra's tweede roman, verscheen in 1928 en werd voorafgegaan door 'Paulina Buxareu' (1919) en gevolgd door zijn meesterwerk, het al eerder vertaalde 'Privéleven' (1932).
Recensies
Romans over Spaanse vissersdorpen, daar moet je voor oppassen. Door buitenlandse schrijvers zijn de kustplaatsjes verheerlijkt als idyllische gemeenschappen waar het leven behoeftig maar goed was. Schrijvers van eigen bodem hielden het het liefst bij een slaapverwekkend portret van armoede en uitbuiting. Zo niet Knoflook en pekel van Josep Maria de Sagarra, de Catalaanse schrijver die hier een paar jaar geleden werd geïntroduceerd met zijn derde en laatste roman Privéleven uit 1932. Een taalfeest zoals je ze maar zelden ziet. De blinkende beelden buitelen over elkaar heen zonder dat ze ook maar één moment het verhaal van een aftakelende aristocratische familie in Barcelona in de weg zitten. Met dank aan Frans Oosterholt, een van die zeldzame vertalers die liever hun nek uitsteken dan zich te verschuilen in een krampachtige angst voor een foutje hier of daar. Voor Knoflook en pekel, de roman die voorafging aan Privéleven, bleef Sagarra niet in de grootstedelijke kringen die hij het beste kende. Zijn uitstapje naar een Catalaans vissersdorpje weerhield hem er gelukkig niet van om ook voor deze gelegenheid uit te pakken met een stijl waarin zintuiglijke en plastische uitbundigheid hand in hand gaan zonder ook maar een moment uit de bocht te vliegen. Neem mevrouw Caterineta, 'een vette tol; in plaats van een hart heeft ze een zure en harde perzikpit en op haar tanden ligt de gelakte lach van een sacristiemuis.' Of het meisje dat als ze probeert te lachen 'een grote hoeveelheid rood tandvlees toont dat doet denken aan een in wijn gemarineerde hazenrug die aanstonds in de pan gaat.' In deze barokke behuizing krijgt het kleine verhaal van visserszoon Quimet de proporties van een zinderend drama. Tegen zijn zin volgt Quimet een priesteropleiding in Gerona. Tijdens een verlof in het dorp van zijn ouders doet het jonge, rebelse naaistertje Mari zijn zintuigen tot onbeheersbare hoogte oplaaien. Verder dan een onbeholpen aanranding op het strand en een vroegtijdige zaadlozing tijdens een andere ontmoeting komt hij niet. Terug in Gerona probeert hij het vuur van zijn zintuigen te blussen bij enkele dames van plezier. Ook dat loopt tot twee keer toe uit op een beschamende mislukking. Intussen is Mari naar Figueras getrokken om daar een middelbare vertegenwoordiger in fournituren van dienst te zijn. Maar al snel weet deze lepe meid haar werkterrein uit te breiden. Quimets begeerte voert hem onherroepelijk naar Figueras. De nieuwe ontmoeting met Mari kan natuurlijk niet goed gaan. Verbazingwekkend is wel dat de schrijver de leerlingpriester korte tijd later laat verdrinken in de buurt van het dorp waar hij is opgegroeid. Je zou Sagarra er bijna van verdenken dat hij zijn toevlucht heeft genomen tot deze stompzinnige dood omdat hij genoeg had van zijn verhaal en er geen beter einde aan wist te breien. Hoe het ook zij, een schrijver die zo'n zinderend taalmonument weet op te trekken, kun je dat moeilijk kwalijk nemen.
Maarten Steenmeijer — Volkskrant — 17 november 2012
In het kort
ISBN-13
9789491495199
Verschenen
18 oktober 2012

Lijkt op dit boek

NSTC 100025060 · CB-relatie 7000669 · Bijgewerkt 6 augustus 2026
Bestel bij bol →
← Terug naar resultaten
Omslag van Knoflook en pekel
Achterkant van Knoflook en pekel

Knoflook en pekel

HardbackNederlands
Ook verkrijgbaar als
Tijdens een zwoele zomervakantie in een arm vissersplaatsje aan de Costa Brava wordt de priesterstudent Quimet verliefd op het naaistertje Marí, het mooiste meisje van het dorp. Na een stormachtige aanzet tot
een romance moet Quimet terug naar het seminarie in Girona. Zal hij zijn soutane aan de wilgen hangen? En zo ja, zal de ambitieuze Marí voor Quimet kiezen of voor de veel oudere maar succesvolle vertegenwoordiger in fournituren, meneer Peret? In een even lyrische als sarcastische ode aan de liefde neemt De Sagarra de lezer mee van de ruige Catalaanse kust naar de statige domstad Girona en de geanimeerde marktstad Figueres, om de roman te eindigen in het surreële landschap van Cap de Creus.

Josep Maria de Sagarra (1894-1961) was een van de zeldzame kunstenaars die bij leven op handen werden gedragen door zowel collega's, critici als het grote publiek. Hij liet een omvangrijk oeuvre na, in vrijwel alle literaire genres. 'Knoflook en pekel, De Sagarra's tweede roman, verscheen in 1928 en werd voorafgegaan door 'Paulina Buxareu' (1919) en gevolgd door zijn meesterwerk, het al eerder vertaalde 'Privéleven' (1932).
Recensies
Romans over Spaanse vissersdorpen, daar moet je voor oppassen. Door buitenlandse schrijvers zijn de kustplaatsjes verheerlijkt als idyllische gemeenschappen waar het leven behoeftig maar goed was. Schrijvers van eigen bodem hielden het het liefst bij een slaapverwekkend portret van armoede en uitbuiting. Zo niet Knoflook en pekel van Josep Maria de Sagarra, de Catalaanse schrijver die hier een paar jaar geleden werd geïntroduceerd met zijn derde en laatste roman Privéleven uit 1932. Een taalfeest zoals je ze maar zelden ziet. De blinkende beelden buitelen over elkaar heen zonder dat ze ook maar één moment het verhaal van een aftakelende aristocratische familie in Barcelona in de weg zitten. Met dank aan Frans Oosterholt, een van die zeldzame vertalers die liever hun nek uitsteken dan zich te verschuilen in een krampachtige angst voor een foutje hier of daar. Voor Knoflook en pekel, de roman die voorafging aan Privéleven, bleef Sagarra niet in de grootstedelijke kringen die hij het beste kende. Zijn uitstapje naar een Catalaans vissersdorpje weerhield hem er gelukkig niet van om ook voor deze gelegenheid uit te pakken met een stijl waarin zintuiglijke en plastische uitbundigheid hand in hand gaan zonder ook maar een moment uit de bocht te vliegen. Neem mevrouw Caterineta, 'een vette tol; in plaats van een hart heeft ze een zure en harde perzikpit en op haar tanden ligt de gelakte lach van een sacristiemuis.' Of het meisje dat als ze probeert te lachen 'een grote hoeveelheid rood tandvlees toont dat doet denken aan een in wijn gemarineerde hazenrug die aanstonds in de pan gaat.' In deze barokke behuizing krijgt het kleine verhaal van visserszoon Quimet de proporties van een zinderend drama. Tegen zijn zin volgt Quimet een priesteropleiding in Gerona. Tijdens een verlof in het dorp van zijn ouders doet het jonge, rebelse naaistertje Mari zijn zintuigen tot onbeheersbare hoogte oplaaien. Verder dan een onbeholpen aanranding op het strand en een vroegtijdige zaadlozing tijdens een andere ontmoeting komt hij niet. Terug in Gerona probeert hij het vuur van zijn zintuigen te blussen bij enkele dames van plezier. Ook dat loopt tot twee keer toe uit op een beschamende mislukking. Intussen is Mari naar Figueras getrokken om daar een middelbare vertegenwoordiger in fournituren van dienst te zijn. Maar al snel weet deze lepe meid haar werkterrein uit te breiden. Quimets begeerte voert hem onherroepelijk naar Figueras. De nieuwe ontmoeting met Mari kan natuurlijk niet goed gaan. Verbazingwekkend is wel dat de schrijver de leerlingpriester korte tijd later laat verdrinken in de buurt van het dorp waar hij is opgegroeid. Je zou Sagarra er bijna van verdenken dat hij zijn toevlucht heeft genomen tot deze stompzinnige dood omdat hij genoeg had van zijn verhaal en er geen beter einde aan wist te breien. Hoe het ook zij, een schrijver die zo'n zinderend taalmonument weet op te trekken, kun je dat moeilijk kwalijk nemen.
Maarten Steenmeijer — Volkskrant — 17 november 2012 ·
In het kort
ISBN-13
9789491495199
Verschenen
18 oktober 2012

Lijkt op dit boek

Alles bekijken →
NSTC 100025060 · CB-relatie 7000669 · Bijgewerkt 6 augustus 2026