
Oudheid
Binnen deze kaders ligt de nadruk steeds op de Grieks-Romeinse wereld van de periode 1000 v.C. tot 500 n.C. Die periode wordt in vier naar opzet gelijkwaardige delen gesplitst, waarbij telkens de hele antieke wereld de revue passeert. Deze delen zijn: de archaïsche tijd, de klassieke tijd, de hellenistische tijd en de tijd van het Romeinse keizerrijk. Elk deel begint met een overzicht van staten en culturen in heel Eurazië in de betreffende periode.
Dit boek is geschreven voor een gevarieerd lezerspubliek, zowel aan als buiten de universiteit. Primair is het gericht op de eerste- en ouderejaarsstudenten in de geschiedenis, kunstgeschiedenis, klassieke talen en archeologie, voor wie de geschiedenis van de Grieks-Romeinse Oudheid deel uitmaakt van hun studie. Maar ook alle anderen die in hun studie met de oude geschiedenis worden geconfronteerd of die om welke reden dan ook daarin geïnteresseerd zijn, hebben in dit boek in één band een redelijk compleet overzicht van de wereld van de Oudheid.









