
Van oude menschen, de dingen, die voorbij gaan...
In deze roman schetst Louis Couperus een beeld van de Haagse familie Dercksz, die aan het begin van de twintigste eeuw bezwijkt onder het gewicht van een oud familiegeheim.
Zestig jaar eerder hebben twee mensen een moord gepleegd in Nederlands Indië. Ottilie Dercksz en haar minnaar Emile Takma hebben Ottilie's echtgenoot vermoord en in een rivier gegooid omdat hij hun overspel had ontdekt. De plaatselijke Nederlandse dokter, Roelofsz, was medeplichtig en heeft de moord verzwegen.
Nu, jaren later, bezoekt de oude heer Takma Ottilie nog dagelijks, verbonden als ze zijn door hun misdaad. De twee zijn inmiddels boven de negentig en beide denken dat alleen zij de waarheid kennen. Maar het spook van het verleden kan niet verborgen blijven. Langzaam vernemen ook andere familieleden wat er zich lang geleden in Indië heeft afgespeeld...
'Van oude menschen, de dingen, die voorbijgaan' is een psychologische familieroman en zijn laatste 'Haagse roman'. Hoewel het bij verschijnen in 1905 niet heel enthousiast werd ontvangen, nam de waardering voor dit boek later sterk toe, en vandaag de dag weet het boek telkens nieuw publiek te vinden.









