← Catalogus

Robert Broeils

1 titel in de boekenbase · Auteur · 2018
Psychiatrie
Over Robert Broeils
Robert Broeils staat met 1 titel in de boekenbase als auteur. Het werk valt vooral onder psychiatrie. Verschenen in 2018 bij De Regenboog Groep. Over het werk verschenen 2 recensies.
Over het werk gezegd
‘De medicijnjongen’ van Robert Broeils (1968) is het relaas van een slachtoffer. Broeils beschrijft puntig in een wat onbeholpen stijl en soms van de hak op de tak, zijn opgroeien als ziekelijk kind dat meer artsen, spreekkamers, ziekenhuizen en behandeltafels ziet dan goed voor hem is. Diverse onbegrepen klachten die moeder aan haar zoon koppelt, passeren de revue, diverse medische ingrepen vinden plaats, veel dokters besluiten na aandringen van moeder tot nog maar weer een onderzoek of kijkoperatie. Medicijnen worden ruimschoots verstrekt en zelfverzonnen diëten zijn aan de orde van de dag. Ondertussen snapt de kleine Broeils er zelf helemaal niks van. Hij heeft wel eens last van zijn maag, hij eet op aandringen van moeder met enige regelmaat bouillon blokjes, er wordt hem veel lekker eten ontzegd. Hij heeft ook wel eens hoofdpijn in een thuissituatie waarin een agressieve stiefvader hem regelmatig onheus bejegent. Ondertussen boezemt de medicijnwereld hem in toenemende mate angst in door de soms ingrijpende onderzoeken en bijbehorende handelingen. Tegelijkertijd ervaart hij regelmatig dat hij eigenlijk veel meer aan kan dan er volgens zijn ouders mogelijk zou moeten zijn. Rond zijn twaalfde wekt moeder bij de hulpverleners de indruk dat Robert levensmoe is en naar Jezus zegt te willen. Robert zelf weet van de prins geen kwaad. Direct gevolg is dat hij bij een kinderpsycholoog beland die hem ook zonder moeder erbij wil spreken. Hij krijgt daar de ruimte om dingen wel of niet te zeggen en dat ervaart hij als een bevrijding. Het leidt er uiteindelijk toe dat hij zelf de strijd aangaat met zijn moeder en in een consult bij alweer een dokter weigert door te gaan met het gebruiken van medicijnen en diëten. Uiteindelijk verlaat hij op zijn zeventiende het huis en gaat zelfstandig wonen, eerst nog bij een zuster, later op zichzelf. Gaandeweg is er ruimte om terug te kijken. Dat levert een depressie maar ook inzicht op. Het schrijven van dit boek is daar een direct gevolg van. In het nawoord geeft Broeils een opsomming van de vele gevolgen die hij ondervindt van zijn merkwaardige jeugd, is er een algemene toelichting op het Münchhausen-by-proxy-syndroom door een kinderpsychiater en een prachtige epiloog van Broeils zelf over taal en werkelijkheid. Opnieuw een bijzonder boek van uitgeverij Tobi Vroegh, die zoveel ruimte geeft aan ervaringsdeskundigen om hun eigen, hoogst persoonlijke relaas te doen. Kijk je door de in dit geval wat onbeholpen vorm heen dat tref je een onvoorstelbare, tot nadenken stemmende werkelijkheid aan.
Johan Atsma — GGZ Totaal · over De medicijnjongen