Catalogus
Omslag van De Staten-Generaal vertegenwoordigen het geheele Nederlandsche volk

De Staten-Generaal vertegenwoordigen het geheele Nederlandsche volk Een onderzoek naar de veranderingen in de betekenis van artikel 50 Grondwet tussen 1814 en 1983

E-book376 pagina’sNederlands
Ook verkrijgbaar als
I Inleiding; II 1814-1830; III 1830-1868; IV 1868-1917; V 1917-1946; VI 1946-1967; VII 1967-1983; VIII Analyse en conclusie; Epiloog; Summary; Verkort aangehaalde primaire bronnen; Verkort aangehaalde literatuur; Geraadpleegde parlementaire documenten‘De Staten-Generaal vertegenwoordigen het gehele Nederlandse volk’, aldus artikel 50 van de Nederlandse Grondwet. Toen deze bepaling in 1814 werd vastgesteld, legde ze vooral vast dat Nederland een eenheidsstaat was. Ons land was destijds nauwelijks een democratie te noemen. Het Nederlandse volk had geen kiesrecht en de Koning had vrijwel alle macht. Sindsdien is veel veranderd: verkiezingen zijn ingevoerd, het kiesrecht is geleidelijk uitgebreid en politieke partijen zijn niet meer weg te denken. Toch wordt artikel 50 in de staatsrechtelijke literatuur haast uitsluitend uitgelegd vanuit zijn oorspronkelijke betekenis. Maar brengt de onveranderd gebleven tekst van artikel 50 ook mee dat de betekenis van deze bepaling al die tijd hetzelfde is gebleven? Of kan die betekenis in de loop van de jaren zijn gewijzigd? Om dit te achterhalen onderzoekt Van Vugt hoe Kamerleden, ministers, de wetgever, het parlement, de regering en grondwetscommissies artikel 50 tussen 1814 en 1983 hebben geïnterpreteerd en in hoeverre deze grondwetsbepaling daarbij van betekenis is veranderd.
In het kort
ISBN-13
9789089745859
Verschenen
23 juni 2021
Druk
1
Trefwoorden

Lijkt op dit boek

NSTC 501461636 · CB-relatie 7500275 · Bijgewerkt 6 augustus 2026
Bestel bij bol → · € 89,00
← Terug naar resultaten

De Staten-Generaal vertegenwoordigen het geheele Nederlandsche volk

Een onderzoek naar de veranderingen in de betekenis van artikel 50 Grondwet tussen 1814 en 1983
E-book376 pagina’sNederlands
Ook verkrijgbaar als
I Inleiding; II 1814-1830; III 1830-1868; IV 1868-1917; V 1917-1946; VI 1946-1967; VII 1967-1983; VIII Analyse en conclusie; Epiloog; Summary; Verkort aangehaalde primaire bronnen; Verkort aangehaalde literatuur; Geraadpleegde parlementaire documenten‘De Staten-Generaal vertegenwoordigen het gehele Nederlandse volk’, aldus artikel 50 van de Nederlandse Grondwet. Toen deze bepaling in 1814 werd vastgesteld, legde ze vooral vast dat Nederland een eenheidsstaat was. Ons land was destijds nauwelijks een democratie te noemen. Het Nederlandse volk had geen kiesrecht en de Koning had vrijwel alle macht. Sindsdien is veel veranderd: verkiezingen zijn ingevoerd, het kiesrecht is geleidelijk uitgebreid en politieke partijen zijn niet meer weg te denken. Toch wordt artikel 50 in de staatsrechtelijke literatuur haast uitsluitend uitgelegd vanuit zijn oorspronkelijke betekenis. Maar brengt de onveranderd gebleven tekst van artikel 50 ook mee dat de betekenis van deze bepaling al die tijd hetzelfde is gebleven? Of kan die betekenis in de loop van de jaren zijn gewijzigd? Om dit te achterhalen onderzoekt Van Vugt hoe Kamerleden, ministers, de wetgever, het parlement, de regering en grondwetscommissies artikel 50 tussen 1814 en 1983 hebben geïnterpreteerd en in hoeverre deze grondwetsbepaling daarbij van betekenis is veranderd.
In het kort
ISBN-13
9789089745859
Verschenen
23 juni 2021
Druk
1

Lijkt op dit boek

Alles bekijken →
NSTC 501461636 · CB-relatie 7500275 · Bijgewerkt 6 augustus 2026