Catalogus
Omslag van Een kapitale impuls
Achterkant van Een kapitale impuls

Een kapitale impuls de herinrichting van Oost-Groningen en de Gronings-Drentse veenkolonien

Paperback220 pagina’sNederlands
Het was een megaklus, een machtige inhaalslag voor het gebied. Maar ook een tijdrovend karwei. De Herinrichting van Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën nam maar liefst dertig jaar in beslag en er was een bedrag van twee miljard euro mee gemoeid. Met zijn 130.000 hectare oppervlakte in twee provincies is dit het meest grootschalige (land)inrichtingsproject dat ooit in ons land werd gerealiseerd. Landbouw, recreatie, infrastructuur en waterhuishouding, alles werd in een veelomvattend plan van actie aangepakt. Dit boek volgt het proces op de voet en laat in historische en actuele foto's zien wat er is gerealiseerd. Een prachtig tijdsdocument.



Recensies
Om in communistische termen te blijven: er heeft zich in ruim dertig jaar een stille revolutie voltrokken in Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën. 130.000 hectare ging op de schop in wat inmiddels bekend staat als het grootste landinrichtingsproject ooit in Nederland uitgevoerd. Kosten: 2 miljard euro, met een prominente rol voor de landbouw. Het is een aardige kip-eivraag. Wie is de aanstichter geweest van de herinrichting van de Veenkoloniën: de voorman van de Communistische Partij Nederland, Fré Meis, of de landbouw? Auteur van het boek Een kapitale impuls over de herinrichting van het gebied, Chris van der Veen, kiest uiteindelijk toch voor de landbouw, maar hij wijst op een intrigerend politiek spel. De Veenkoloniën verkeren medio jaren 60/70 in grote nood. De werkloosheid is hoog, de zetmeelindustrie staat onder druk en een nog groter probleem is dat de infrastructuur van het veengebied is verouderd. Ging alles vroeger er via het water, het wegvervoer nam die rol in de jaren zeventig over en de Veenkolonie raakte verstrikt in zijn eigen doolhof van kleine waterwegen. Boeren moesten kilometers omrijden omdat groter wordende landbouwvoertuigen niet meer over de smalle bruggetjes konden. De kleine kavels waren ook bedrijfseconomisch niet rendabel meer. Fré Meis klopte in Den Haag op de deur omdat het gebied in verval raakte, de boeren klopten op de Haagse deur omdat hun bestaansrecht onder druk stond. Chris van der Veen: "Wie de geschiedenis analyseert, ziet een mooi politiek spel. Als Den Haag destijds gehoor gaf aan alleen de boerenwensen, zouden die te veel de voorkeur krijgen. Tegelijkertijd wilden de regenten de CPN in het gebied in toom houden en de rust bewaren. Door een herinrichtingswet (1979) aan te nemen kon het probleem in de breedte worden aangepakt." Toch zal niemand in Den Haag hebben gedacht dat het meer dan dertig jaar zou gaan duren. Van der Veen: "Politici als Toxopeus en Vonhoff wisten precies waar ze mee bezig waren. Met de wet in de hand moest Den Haag wel Ook tijdens bezuinigingen zoals in Bestek'81 gingen de investeringen door. We moeten ze hier dankbaar zijn voor hun politieke inzichten." Slinks ging het soms ook. In de jaren 7O zocht het ziekenhuis in Delfzijl nieuwe artsen uit het westen. Die werden bij hun sollicitaties omgeleid zodat ze niet langs de stinkende kanalen kwamen waarin de zetmeelindustrie loosde. Duizenden projecten Het gevolg was een duizelingwekkend aantal projecten dat in de loop derjaren is opgestart. Landbouw vaarrecreatie, fiets- en wandelpaden, welzijn, wonen, landschap, natuurgebieden, cultuurhistorie, infrastructuur en waterhuishouding... alles werd in een veelomvattend plan van actie aangepakt. Aan de Emmense akkerbouwer Rikus Haasken de vraag waarje de herinrichting nu echt aan kunt zien als je door het veenlandschap rijdt. "Ik denk toch vooral aan het enorme aantal gedempte wijken (sloten)." Maar er kwamen ook bossen in'het veen', dorpskerken werden aangepakt en er kwam kunst in de provincie. Verder is er veel onzichtbaar werk verricht. Zo is Haasken als voorzitter van de lokale blokcommissie twintig jaar bezig geweest met ruilverkaveling. Het gevolg is dat boeren nu veel handiger percelen hebben en landbouwbedrijven gemiddeld zijn verdubbeld in omvang. Haasken: "Een van de successen van de herinrichting is geweest dat de landbouw zich niet heeft verzet, maar zich erachter heeft geschaard. Dankzij BBl-gronden konden we boeren niet alleen betere kavels bieden, maar ook meer grond geven dan louter uitruil." Zorgen blijven Van der Veen spreekt van een metamorfose van het gebied. "Als Den Haag in 1979 die wet niet had aangenomen, had de veenkolonie er nu heel wat slechter doorgestaan. Aansluiting op het wegennet met Duitsland, tuinbouwontwikkeling bij Klazienaveen, veel nieuwe wegen, grote waterpartijen voor wateropvang, Boertange is gerenoveerd. Er is hier zo veel gebeurd. Maar u heeft gelijk; het is een stille revolutie geweest. De rest van Nederland heeft geen idee wat hier gebeurt. Alles gaat hier langzaam. Kijk naar de Eemshaven, dat wordt ook pas over twintig jaar een succes." Hoewel Van der Veen c.s. de herinrichting een succes vinden, blijven er zorgen voor het gebied. Ondanks alle inspanningen blijft de werkloosheid hoog en is er nog steeds sprake van een monocultuur. De zetmeelaardappelen en suikerbieten domineren nog steeds het gebied, alhoewel de melkveehouderij wel bescheiden haar intrede heeft gedaan. In Een kapitale impuls masseert commissaris van de koningin en voorzitter van de herinrichtingscommissie Max van den Berg de problemen grotendeels weg door te wijzen op het succes van de herinrichting. Voortrekkersrol Van der Veen is realistischer: "We zijn er nog lang niet. De krimp slaat hier hard toe. Bleker zei het pas hier ook nog: de landbouw moet innovatiever worden zodat dit gebied daar een voortrekkersrol in kan vervullen. Veel zal aftrangen van wat Brussel beslist. Hoe lopen de subsidiestromen straks? De rol van Avebé en de zetmeelindustrie is nog steeds groot. Anderzijds: het leven van de boer is hier wel sterk verbeterd dankzij de herinrichting." Hilbrand Sinnema toont zich ook namens LTO-Noord tevreden. "Er zijn altijd andere wegen, maar zonder de wet hadden we niet de maatregelen kunnen nemen die nu zijn uitgevoerd. Zeker niet qua waterbeheersing." Tegelijkertijd zegt Sinnema dat er eigenlijk nu al weer behoefte is aan een 2.0-versie van de wet. "We staan voor de nieuwe uitdaging om het gebied toekomstbestendig te maken. Sommige herverkaveling is al weer 15 jaar geleden en aan vernieuwing toe. Bovendien moeten we aan innovatie werken." Hij wil het kind (suikerbieten en zetmeelaardappelen)echter niet met het badwater weggooien. "Die twee zijn dominant hier en datzal zo blijven. Er is grote productie en we zijn er goed in. Dat moet je koesteren. Je moet ook weer niet op één paard wedden, dus die verbreding en innovatie is wel noodzakelijk." Op naar een 2.O-variant dus.
Roeland Buitenhuis — Boerderij Weekend — 13 juli 2012
In het kort
ISBN-13
9789023249160
Verschenen
2 april 2012

Lijkt op dit boek

NSTC 500285882 · CB-relatie 6127604 · Bijgewerkt 6 augustus 2026
Bestel bij bol →
← Terug naar resultaten
Omslag van Een kapitale impuls
Achterkant van Een kapitale impuls

Een kapitale impuls

de herinrichting van Oost-Groningen en de Gronings-Drentse veenkolonien
Paperback220 pagina’sNederlands
Het was een megaklus, een machtige inhaalslag voor het gebied. Maar ook een tijdrovend karwei. De Herinrichting van Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën nam maar liefst dertig jaar in beslag en er was een bedrag van twee miljard euro mee gemoeid. Met zijn 130.000 hectare oppervlakte in twee provincies is dit het meest grootschalige (land)inrichtingsproject dat ooit in ons land werd gerealiseerd. Landbouw, recreatie, infrastructuur en waterhuishouding, alles werd in een veelomvattend plan van actie aangepakt. Dit boek volgt het proces op de voet en laat in historische en actuele foto's zien wat er is gerealiseerd. Een prachtig tijdsdocument.



Recensies
Om in communistische termen te blijven: er heeft zich in ruim dertig jaar een stille revolutie voltrokken in Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën. 130.000 hectare ging op de schop in wat inmiddels bekend staat als het grootste landinrichtingsproject ooit in Nederland uitgevoerd. Kosten: 2 miljard euro, met een prominente rol voor de landbouw. Het is een aardige kip-eivraag. Wie is de aanstichter geweest van de herinrichting van de Veenkoloniën: de voorman van de Communistische Partij Nederland, Fré Meis, of de landbouw? Auteur van het boek Een kapitale impuls over de herinrichting van het gebied, Chris van der Veen, kiest uiteindelijk toch voor de landbouw, maar hij wijst op een intrigerend politiek spel. De Veenkoloniën verkeren medio jaren 60/70 in grote nood. De werkloosheid is hoog, de zetmeelindustrie staat onder druk en een nog groter probleem is dat de infrastructuur van het veengebied is verouderd. Ging alles vroeger er via het water, het wegvervoer nam die rol in de jaren zeventig over en de Veenkolonie raakte verstrikt in zijn eigen doolhof van kleine waterwegen. Boeren moesten kilometers omrijden omdat groter wordende landbouwvoertuigen niet meer over de smalle bruggetjes konden. De kleine kavels waren ook bedrijfseconomisch niet rendabel meer. Fré Meis klopte in Den Haag op de deur omdat het gebied in verval raakte, de boeren klopten op de Haagse deur omdat hun bestaansrecht onder druk stond. Chris van der Veen: "Wie de geschiedenis analyseert, ziet een mooi politiek spel. Als Den Haag destijds gehoor gaf aan alleen de boerenwensen, zouden die te veel de voorkeur krijgen. Tegelijkertijd wilden de regenten de CPN in het gebied in toom houden en de rust bewaren. Door een herinrichtingswet (1979) aan te nemen kon het probleem in de breedte worden aangepakt." Toch zal niemand in Den Haag hebben gedacht dat het meer dan dertig jaar zou gaan duren. Van der Veen: "Politici als Toxopeus en Vonhoff wisten precies waar ze mee bezig waren. Met de wet in de hand moest Den Haag wel Ook tijdens bezuinigingen zoals in Bestek'81 gingen de investeringen door. We moeten ze hier dankbaar zijn voor hun politieke inzichten." Slinks ging het soms ook. In de jaren 7O zocht het ziekenhuis in Delfzijl nieuwe artsen uit het westen. Die werden bij hun sollicitaties omgeleid zodat ze niet langs de stinkende kanalen kwamen waarin de zetmeelindustrie loosde. Duizenden projecten Het gevolg was een duizelingwekkend aantal projecten dat in de loop derjaren is opgestart. Landbouw vaarrecreatie, fiets- en wandelpaden, welzijn, wonen, landschap, natuurgebieden, cultuurhistorie, infrastructuur en waterhuishouding... alles werd in een veelomvattend plan van actie aangepakt. Aan de Emmense akkerbouwer Rikus Haasken de vraag waarje de herinrichting nu echt aan kunt zien als je door het veenlandschap rijdt. "Ik denk toch vooral aan het enorme aantal gedempte wijken (sloten)." Maar er kwamen ook bossen in'het veen', dorpskerken werden aangepakt en er kwam kunst in de provincie. Verder is er veel onzichtbaar werk verricht. Zo is Haasken als voorzitter van de lokale blokcommissie twintig jaar bezig geweest met ruilverkaveling. Het gevolg is dat boeren nu veel handiger percelen hebben en landbouwbedrijven gemiddeld zijn verdubbeld in omvang. Haasken: "Een van de successen van de herinrichting is geweest dat de landbouw zich niet heeft verzet, maar zich erachter heeft geschaard. Dankzij BBl-gronden konden we boeren niet alleen betere kavels bieden, maar ook meer grond geven dan louter uitruil." Zorgen blijven Van der Veen spreekt van een metamorfose van het gebied. "Als Den Haag in 1979 die wet niet had aangenomen, had de veenkolonie er nu heel wat slechter doorgestaan. Aansluiting op het wegennet met Duitsland, tuinbouwontwikkeling bij Klazienaveen, veel nieuwe wegen, grote waterpartijen voor wateropvang, Boertange is gerenoveerd. Er is hier zo veel gebeurd. Maar u heeft gelijk; het is een stille revolutie geweest. De rest van Nederland heeft geen idee wat hier gebeurt. Alles gaat hier langzaam. Kijk naar de Eemshaven, dat wordt ook pas over twintig jaar een succes." Hoewel Van der Veen c.s. de herinrichting een succes vinden, blijven er zorgen voor het gebied. Ondanks alle inspanningen blijft de werkloosheid hoog en is er nog steeds sprake van een monocultuur. De zetmeelaardappelen en suikerbieten domineren nog steeds het gebied, alhoewel de melkveehouderij wel bescheiden haar intrede heeft gedaan. In Een kapitale impuls masseert commissaris van de koningin en voorzitter van de herinrichtingscommissie Max van den Berg de problemen grotendeels weg door te wijzen op het succes van de herinrichting. Voortrekkersrol Van der Veen is realistischer: "We zijn er nog lang niet. De krimp slaat hier hard toe. Bleker zei het pas hier ook nog: de landbouw moet innovatiever worden zodat dit gebied daar een voortrekkersrol in kan vervullen. Veel zal aftrangen van wat Brussel beslist. Hoe lopen de subsidiestromen straks? De rol van Avebé en de zetmeelindustrie is nog steeds groot. Anderzijds: het leven van de boer is hier wel sterk verbeterd dankzij de herinrichting." Hilbrand Sinnema toont zich ook namens LTO-Noord tevreden. "Er zijn altijd andere wegen, maar zonder de wet hadden we niet de maatregelen kunnen nemen die nu zijn uitgevoerd. Zeker niet qua waterbeheersing." Tegelijkertijd zegt Sinnema dat er eigenlijk nu al weer behoefte is aan een 2.0-versie van de wet. "We staan voor de nieuwe uitdaging om het gebied toekomstbestendig te maken. Sommige herverkaveling is al weer 15 jaar geleden en aan vernieuwing toe. Bovendien moeten we aan innovatie werken." Hij wil het kind (suikerbieten en zetmeelaardappelen)echter niet met het badwater weggooien. "Die twee zijn dominant hier en datzal zo blijven. Er is grote productie en we zijn er goed in. Dat moet je koesteren. Je moet ook weer niet op één paard wedden, dus die verbreding en innovatie is wel noodzakelijk." Op naar een 2.O-variant dus.
Roeland Buitenhuis — Boerderij Weekend — 13 juli 2012 ·
In het kort
ISBN-13
9789023249160
Verschenen
2 april 2012

Lijkt op dit boek

Alles bekijken →
NSTC 500285882 · CB-relatie 6127604 · Bijgewerkt 6 augustus 2026