Catalogus
Omslag van Misschien was het nog te vroeg

Misschien was het nog te vroeg De regeling van de schriftelijke wilsverklaring euthanasie in artikel 2, tweede lid, Wtl vanuit een strafrechtelijk perspectief

E-book592 pagina’sNederlands
Ook verkrijgbaar als
1 Inleiding; DEEL 1; 2 Opkomst en achtergrond van een fenomeen: de schriftelijke wilsverklaring euthanasie; 3 Een concept-regeling voor de schriftelijke wilsverklaring door de Staatscommissie Euthanasie (1985); 4 Balanceren tussen ‘euthanasie’ en ‘levensbeëindiging zonder verzoek’. Concepten voor een regeling van de schriftelijke wilsverklaring (1985-1999); DEEL 2; 5 Wettelijke ‘erkenning’ van de schriftelijke wilsverklaring. Parlementaire geschiedenis art. 2 lid 2 Wtl (1999-2002); 6 Euthanasie op basis van een schriftelijke wilsverklaring in de toetsingspraktijk; 7 Euthanasie bij gevorderde dementie: een unieke (straf)zaak; DEEL 3; 8 Verkenning van alternatieve modaliteiten voor regeling van de schriftelijke wilsverklaring; 9 Slotbeschouwing; Samenvatting; Literatuurlijst; Aangehaalde jurisprudentie; Lijst van afkortingen; Curriculum vitaeDeze studie inventariseert de (juridische) problemen van de bestaande wettelijke regeling van de schriftelijke wilsverklaring aan de hand van de totstandkomingsgeschiedenis en de toetsingspraktijk.Sinds 2002 heeft een arts op grond van art. 2 lid 2 van de Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (Wtl) de mogelijkheid euthanasie toe te passen bij een inmiddels wilsonbekwame patiënt op basis van een schriftelijke wilsverklaring. De zorgvuldigheidseisen uit art. 2 lid 1 Wtl zijn ‘van overeenkomstige toepassing’. De vraag rijst of dat wringt nu de arts niet of nauwelijks met de patiënt kan communiceren over het verzoek, het lijden en over redelijke andere oplossingen.Deze studie inventariseert de (juridische) problemen van de bestaande wettelijke regeling van de schriftelijke wilsverklaring aan de hand van de totstandkomingsgeschiedenis en de toetsingspraktijk (inclusief de ‘koffie­euthanasiezaak’ over euthanasie bij dementie). De studie gaat in op de vraag welke alternatieve modaliteiten denkbaar zijn, of er noodzaak is de wet aan te passen en zo ja, hoe een voorstel daartoe er concreet uit zou moeten zien. Het boek voorziet in een uitgebreide analyse van art. 2 lid 2 Wtl en bevat documentatie van (wets)voorstellen, standpunten uit rapporten en literatuur en de bijbehorende discussies.
In het kort
ISBN-13
9789089745057
Verschenen
8 april 2021
Druk
1
Trefwoorden

Lijkt op dit boek

NSTC 501393322 · CB-relatie 7500275 · Bijgewerkt 6 augustus 2026
Bestel bij bol → · € 95,50
← Terug naar resultaten

Misschien was het nog te vroeg

De regeling van de schriftelijke wilsverklaring euthanasie in artikel 2, tweede lid, Wtl vanuit een strafrechtelijk perspectief
E-book592 pagina’sNederlands
Ook verkrijgbaar als
1 Inleiding; DEEL 1; 2 Opkomst en achtergrond van een fenomeen: de schriftelijke wilsverklaring euthanasie; 3 Een concept-regeling voor de schriftelijke wilsverklaring door de Staatscommissie Euthanasie (1985); 4 Balanceren tussen ‘euthanasie’ en ‘levensbeëindiging zonder verzoek’. Concepten voor een regeling van de schriftelijke wilsverklaring (1985-1999); DEEL 2; 5 Wettelijke ‘erkenning’ van de schriftelijke wilsverklaring. Parlementaire geschiedenis art. 2 lid 2 Wtl (1999-2002); 6 Euthanasie op basis van een schriftelijke wilsverklaring in de toetsingspraktijk; 7 Euthanasie bij gevorderde dementie: een unieke (straf)zaak; DEEL 3; 8 Verkenning van alternatieve modaliteiten voor regeling van de schriftelijke wilsverklaring; 9 Slotbeschouwing; Samenvatting; Literatuurlijst; Aangehaalde jurisprudentie; Lijst van afkortingen; Curriculum vitaeDeze studie inventariseert de (juridische) problemen van de bestaande wettelijke regeling van de schriftelijke wilsverklaring aan de hand van de totstandkomingsgeschiedenis en de toetsingspraktijk.Sinds 2002 heeft een arts op grond van art. 2 lid 2 van de Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (Wtl) de mogelijkheid euthanasie toe te passen bij een inmiddels wilsonbekwame patiënt op basis van een schriftelijke wilsverklaring. De zorgvuldigheidseisen uit art. 2 lid 1 Wtl zijn ‘van overeenkomstige toepassing’. De vraag rijst of dat wringt nu de arts niet of nauwelijks met de patiënt kan communiceren over het verzoek, het lijden en over redelijke andere oplossingen.Deze studie inventariseert de (juridische) problemen van de bestaande wettelijke regeling van de schriftelijke wilsverklaring aan de hand van de totstandkomingsgeschiedenis en de toetsingspraktijk (inclusief de ‘koffie­euthanasiezaak’ over euthanasie bij dementie). De studie gaat in op de vraag welke alternatieve modaliteiten denkbaar zijn, of er noodzaak is de wet aan te passen en zo ja, hoe een voorstel daartoe er concreet uit zou moeten zien. Het boek voorziet in een uitgebreide analyse van art. 2 lid 2 Wtl en bevat documentatie van (wets)voorstellen, standpunten uit rapporten en literatuur en de bijbehorende discussies.
In het kort
ISBN-13
9789089745057
Verschenen
8 april 2021
Druk
1

Lijkt op dit boek

Alles bekijken →
NSTC 501393322 · CB-relatie 7500275 · Bijgewerkt 6 augustus 2026