Catalogus
Omslag van Zwarte huid, Oranje hart
Achterkant van Zwarte huid, Oranje hart

Zwarte huid, Oranje hart Afrikaanse KNIL-nazaten in de diaspora

Hardback303 pagina’sNederlands
Ook verkrijgbaar als
Iedereen kent het verhaal van 'de zwarte met het witte hart': prins Kwasi Boachi die in 1837 op tienjarige leeftijd met zijn neefje Kwame Poku vanuit Kumasi naar Nederland werd gestuurd. De twee Ashanti-prinsjes dienden als onderpand voor het verdrag dat de Nederlandse overheid had gesloten met de machtige Ashanti-koning Kwaku Dua I. Daarbij verplichtte de koning zich tot het leveren van 1000 rekruten voor het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger, het KNIL.

Uiteindelijk heeft de Nederlandse legerleiding ruim 3000 Afrikaanse mannen weten te rekruteren. Omdat de Afrikaanse namen moeilijk uit te spreken zijn, krijgen veel van hen een willekeurige Nederlandse naam variërend van Baas, Kooi, Van der Put en Kaalkop tot Socrates, Rembrandt, Mozart en Voltaire. Na afloop van hun diensttijd in Nederlands-Indië krijgen deze 'belanda hitam' (Zwarte Hollanders) een Nederlands paspoort en kunnen ze kiezen: of terugkeren naar de havenstad Elmina krijgen of aanblijven in de kolonie.

Van de circa 450 Afrikaanse KNIL-soldaten die in Indië zijn gebleven en met een inheemse concubine samenleefden, is een klein aantal stamvader van een zogeheten Indo-Afrikaanse familie geworden. Na de onafhankelijkheid van Indonesië in 1949 is er feitelijk geen toekomst meer voor deze Indo-Afrikanen, die immers Nederlands staatsburger zijn, in de nieuwe republiek. Noodgedwongen vertrekken ze naar het onbekende Nederland van waaruit sommigen dooremigreren naar Suriname, Canada en de Verenigde Staten.

Zwarte Huid, Oranje hart beschrijft de zoektocht van journalist Griselde Molemans en fotograaf Armando Ello naar de oudste nazaten in Nederland, Ghana, de Verenigde Staten en Indonesië. Daarnaast spoorden ze de afstammelingen van prins Kwasi Boachi op in Nederland en Amerika. Het resultaat is een fascinerend boek met ontroerende getuigenissen, prachtige portretten, onderzoek naar Afrikaans DNA en veel onbekend historisch materiaal.
Recensies
Deze uitgave, verlucht met foto's van Molemans' voornaamste gesprekspartners en veel materiaal uit privécollecties, is een fraai uitziend en soepel geschreven monument van een boek, dat ook voor buitenstaanders interessant is: het vult een lacune en toont de overlevingskracht van een onwaarschijnlijke migrantengroep die uitleg over de eigen herkomst gewoonlijk achterwege laat - in Indonesië werden ze vaak aangezien voor Molukkers, in Nederland voor Surinamers en in Amerika voor Hawaiianen of 'Afro-Americans'. Molemans wijdt geen aparte bespiegelingen aan de identiteit of het zelfbeeld van de belanda hitam maar toont met de kleine familieportretten op een onnadrukkelijke manier zowel hun ambivalente positie in Indië - de mannen waren gewild als soldaten maar er werd natuurlijk wel degelijk gediscrimineerd - als hun veerkracht; soms maakten ze handig gebruik van hun Afrikaanse uiterlijk, bijvoorbeeld om buiten het Japanse kamp te blijven, onder andere met zelfverzonnen 'apendansen' en een neptaaltje.
Esther Wils — Athenaeum Boekhandel — 18 juni 2010
In het kort
ISBN-13
9789089101624
Verschenen
1 juni 2010

Lijkt op dit boek

NSTC 500297218 · CB-relatie 6509637 · Bijgewerkt 6 augustus 2026
Bestel bij bol →
← Terug naar resultaten
Omslag van Zwarte huid, Oranje hart
Achterkant van Zwarte huid, Oranje hart

Zwarte huid, Oranje hart

Afrikaanse KNIL-nazaten in de diaspora
Armando Ello illustrator
Hardback303 pagina’sNederlands
Ook verkrijgbaar als
Iedereen kent het verhaal van 'de zwarte met het witte hart': prins Kwasi Boachi die in 1837 op tienjarige leeftijd met zijn neefje Kwame Poku vanuit Kumasi naar Nederland werd gestuurd. De twee Ashanti-prinsjes dienden als onderpand voor het verdrag dat de Nederlandse overheid had gesloten met de machtige Ashanti-koning Kwaku Dua I. Daarbij verplichtte de koning zich tot het leveren van 1000 rekruten voor het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger, het KNIL.

Uiteindelijk heeft de Nederlandse legerleiding ruim 3000 Afrikaanse mannen weten te rekruteren. Omdat de Afrikaanse namen moeilijk uit te spreken zijn, krijgen veel van hen een willekeurige Nederlandse naam variërend van Baas, Kooi, Van der Put en Kaalkop tot Socrates, Rembrandt, Mozart en Voltaire. Na afloop van hun diensttijd in Nederlands-Indië krijgen deze 'belanda hitam' (Zwarte Hollanders) een Nederlands paspoort en kunnen ze kiezen: of terugkeren naar de havenstad Elmina krijgen of aanblijven in de kolonie.

Van de circa 450 Afrikaanse KNIL-soldaten die in Indië zijn gebleven en met een inheemse concubine samenleefden, is een klein aantal stamvader van een zogeheten Indo-Afrikaanse familie geworden. Na de onafhankelijkheid van Indonesië in 1949 is er feitelijk geen toekomst meer voor deze Indo-Afrikanen, die immers Nederlands staatsburger zijn, in de nieuwe republiek. Noodgedwongen vertrekken ze naar het onbekende Nederland van waaruit sommigen dooremigreren naar Suriname, Canada en de Verenigde Staten.

Zwarte Huid, Oranje hart beschrijft de zoektocht van journalist Griselde Molemans en fotograaf Armando Ello naar de oudste nazaten in Nederland, Ghana, de Verenigde Staten en Indonesië. Daarnaast spoorden ze de afstammelingen van prins Kwasi Boachi op in Nederland en Amerika. Het resultaat is een fascinerend boek met ontroerende getuigenissen, prachtige portretten, onderzoek naar Afrikaans DNA en veel onbekend historisch materiaal.
Recensies
Deze uitgave, verlucht met foto's van Molemans' voornaamste gesprekspartners en veel materiaal uit privécollecties, is een fraai uitziend en soepel geschreven monument van een boek, dat ook voor buitenstaanders interessant is: het vult een lacune en toont de overlevingskracht van een onwaarschijnlijke migrantengroep die uitleg over de eigen herkomst gewoonlijk achterwege laat - in Indonesië werden ze vaak aangezien voor Molukkers, in Nederland voor Surinamers en in Amerika voor Hawaiianen of 'Afro-Americans'. Molemans wijdt geen aparte bespiegelingen aan de identiteit of het zelfbeeld van de belanda hitam maar toont met de kleine familieportretten op een onnadrukkelijke manier zowel hun ambivalente positie in Indië - de mannen waren gewild als soldaten maar er werd natuurlijk wel degelijk gediscrimineerd - als hun veerkracht; soms maakten ze handig gebruik van hun Afrikaanse uiterlijk, bijvoorbeeld om buiten het Japanse kamp te blijven, onder andere met zelfverzonnen 'apendansen' en een neptaaltje.
Esther Wils — Athenaeum Boekhandel — 18 juni 2010
In het kort
ISBN-13
9789089101624
Verschenen
1 juni 2010

Lijkt op dit boek

Alles bekijken →
NSTC 500297218 · CB-relatie 6509637 · Bijgewerkt 6 augustus 2026