
Fluitschepen voor de VOC balanceren tussen oncostelijckheijt en duursaemheijt
Hardback144 pagina’sNederlands
A UITGEVERIJ APRILIS - ZALTBOMMEL
Over het fluitschip bestaan vele mythen in de historische literatuur. Het schip zou door onder meer goedkope exploitatie aan de basis hebben gestaan van het Nederlandse commerci succes in de Europese vrachtvaart van de 17de eeuw.
Opmerkelijk is dat ook de VOC voor haar handel op en in Azi an dit schip gebruikmaakte. Fluit-schepen kwamen vanaf de jaren twintig van de 17de eeuw in gebruik en waren vooral tussen 1660 en 1690 heel populair. In deze periode huurde de VOC deze schepen niet alleen, maar vele werden ook op eigen VOC-werven gebouwd.
Op grond van nauwgezet bronnenonderzoek geeft Herman Ketting nieuwe inzichten in het beleid van de VOC omtrent fluitschepen. Hij analyseert de werkzaamheden op de scheepswerven van de VOC, vooral die van Amsterdam, en presenteert nieuwe gegevens die duidelijk maken hoe deze werven zich in de loop van de 17de eeuw tot een strak geleid en modern scheepsbouwbedrijf ontwikkelden. Ook laat hij zien in welke gebieden in Azi luitschepen werden ingezet en hoe deze schepen aan het vaargebied werden aangepast.
Het uitrusten van fluitschepen bleek rendabel te zijn. Omstreeks de jaren tachtig van de 17de eeuw deden zich echter omstandigheden voor die het fluitschip minder geliefd maakten. Veranderingen in de organisatie van het VOC-bedrijf leidden tot standaardisatie van de scheepsbouw. Tegelijkertijd bleken fluitschepen met hun unieke ronde vormen en lichte uitvoering niet geschikt te zijn voor tropische om standigheden. Voor oorlogvoering ter zee was het fluitschip nooit bestemd geweest. Het streven naar standaardisatie leidde in 1697 en 1714 tot twee grote scheepsbouw projecten. De VOC probeerde fluitschepen toen zo aan te passen dat deze hun zwakke punten verloren. Hiermee ging het fluitschip zich steeds minder onderscheiden van andere VOC-schepen. Het werd daardoor ook makkelijk vervangbaar. Dit had tot gevolg dat na 1730 nog maar twee fluitschepen werden gebouwd en om-streeks 1780 onder geheel gewijzigde omstandig-heden nog een aantal fluitschepen werden gehuurd.
Dr. Herman Ketting (1949) is historicus en antropoloog en promoveerde in 2002 op een studie naar opvarenden op VOC-schepen, Leven, werk en rebellie aan boord van Oost-Indi arders. Hij verrichtte de studie naar fluitschepen in opdracht van het Willem Vos Fonds.
Over het fluitschip bestaan vele mythen in de historische literatuur. Het schip zou door onder meer goedkope exploitatie aan de basis hebben gestaan van het Nederlandse commerci succes in de Europese vrachtvaart van de 17de eeuw.
Opmerkelijk is dat ook de VOC voor haar handel op en in Azi an dit schip gebruikmaakte. Fluit-schepen kwamen vanaf de jaren twintig van de 17de eeuw in gebruik en waren vooral tussen 1660 en 1690 heel populair. In deze periode huurde de VOC deze schepen niet alleen, maar vele werden ook op eigen VOC-werven gebouwd.
Op grond van nauwgezet bronnenonderzoek geeft Herman Ketting nieuwe inzichten in het beleid van de VOC omtrent fluitschepen. Hij analyseert de werkzaamheden op de scheepswerven van de VOC, vooral die van Amsterdam, en presenteert nieuwe gegevens die duidelijk maken hoe deze werven zich in de loop van de 17de eeuw tot een strak geleid en modern scheepsbouwbedrijf ontwikkelden. Ook laat hij zien in welke gebieden in Azi luitschepen werden ingezet en hoe deze schepen aan het vaargebied werden aangepast.
Het uitrusten van fluitschepen bleek rendabel te zijn. Omstreeks de jaren tachtig van de 17de eeuw deden zich echter omstandigheden voor die het fluitschip minder geliefd maakten. Veranderingen in de organisatie van het VOC-bedrijf leidden tot standaardisatie van de scheepsbouw. Tegelijkertijd bleken fluitschepen met hun unieke ronde vormen en lichte uitvoering niet geschikt te zijn voor tropische om standigheden. Voor oorlogvoering ter zee was het fluitschip nooit bestemd geweest. Het streven naar standaardisatie leidde in 1697 en 1714 tot twee grote scheepsbouw projecten. De VOC probeerde fluitschepen toen zo aan te passen dat deze hun zwakke punten verloren. Hiermee ging het fluitschip zich steeds minder onderscheiden van andere VOC-schepen. Het werd daardoor ook makkelijk vervangbaar. Dit had tot gevolg dat na 1730 nog maar twee fluitschepen werden gebouwd en om-streeks 1780 onder geheel gewijzigde omstandig-heden nog een aantal fluitschepen werden gehuurd.
Dr. Herman Ketting (1949) is historicus en antropoloog en promoveerde in 2002 op een studie naar opvarenden op VOC-schepen, Leven, werk en rebellie aan boord van Oost-Indi arders. Hij verrichtte de studie naar fluitschepen in opdracht van het Willem Vos Fonds.
In het kort
Bibliografisch
ISBN-139789059941410
Editie1
TaalNederlands dut
Pagina’s144
GeïllustreerdJa
Uitgave
UitgeverAprilis bv, Uitgeverij
CB-relatie-id7300529
Verschenen24 november 2006
StatusInactief 08
BeschikbaarheidContact leverancier 99
Adviesprijs (incl. btw)€ 29,00
Vorm & inhoud
ProductvormHardback BB
SamenstellingLos product
Classificatie
NUR (hoofd)Maritiem 466
NUR (alle)466 Maritiem
Medewerkers
Auteur A01H. Ketting
Herkomst
Werk-id (NSTC)500668230
MeldingBevestigd bij publicatie 03
Bijgewerkt6 augustus 2026
Lijkt op dit boek

Uitgevaren voor de Kamer Zeeland

Hoge golven, diepe dalen De Nederlandse scheepsbouw 1870-2020

Wrakken in wereldzeeën

Houten scheepsbouw in de Nederlanden van de late middeleeuwen tot nu

Nederlandse Scheepsbouw

1 De verandering van het type coaster in de periode 1930-2005

Het oorlogsschip als varend bedrijf

Schepen van de Gouden Eeuw

Harde heelmeesters

Maritieme geschiedenis
NSTC 500668230 · CB-relatie 7300529 · Bijgewerkt 6 augustus 2026