

De Nederlandse overlegeconomie geldt als een voorbeeld bij uitstek van het Rijnlandse model. De werking van markt- en machtsverhoudingen wordt in dat model gekanaliseerd door organisaties, overleg en collectieve afspraken. Lange tijd leken ontwikkelingen als de globalisering van de economie en het overheersende neoliberale Europese klimaat een bedreiging voor dit Rijnlandse model. In 1997 lijkt deze gure wind wat te zijn afgenomen, en geldt het Nederlandse model voor veel buitenlandse politici en media zelfs als voorbeeld. Het veronderstelde succes van het 'poldermodel' kent echter vele vaders, en het Nederlandse model wordt op heel verschillende wijze geïnterpreteerd. Wat is eigenlijk de kern van het Rijnlandse model - en dan vooral van zijn Nederlandse variant? Wat zijn de belangrijkste trends in en rond de Nederlandse arbeidsverhoudingen? Is het model houdbaar in een globaliserende economie, bij een politiek van Europese integratie en met ondernemingen die de hitte van de markt aan den lijve ervaren? Deze vragen waren aanleiding voor studie en debat in het kader van een reeks colleges in 1997 in het Nationaal Vakbondsmuseum. Verschillende auteurs beschrijven de belangrijkste trends op terreinen als arbeid en organisatie, de externe verantwoordelijkheid van ondernemingen, het arbeidsrecht, de verzorgingsstaat, geven aan hoe instituties als de collectieve arbeidsovereenkomst daar op (kunnen) reageren en wat de veranderde rol van de organisaties van werkgevers en werknemers daarin is. Deze bijdragen vormen een staalkaart van de trends in de Nederlandse arbeidsverhoudingen. Aan de hand van deze bijdragen gaan de beide redacteuren in een afsluitende analyse in op de kern en toekomstkansen van het Rijnlandse model.Over het veronderstelde succes van het poldermodel
De Nederlandse overlegeconomie geldt als een voorbeeld bij uitstek van het Rijnlandse model. De werking van markt- en machtsverhoudingen wordt in dat model gekanaliseerd door organisaties, overleg en collectieve afspraken. Lange tijd leken ontwikkelingen als de globalisering van de economie en het overheersende neoliberale Europese klimaat een bedreiging voor dit Rijnlandse model. In 1997 lijkt deze gure wind wat te zijn afgenomen, en geldt het Nederlandse model voor veel buitenlandse politici en media zelfs als voorbeeld.
Het veronderstelde succes van het poldermodel kent echter vele vaders, en het Nederlandse model wordt op heel verschillende wijze geïnterpreteerd. Wat is eigenlijk de kern van het Rijnlandse model en dan vooral van zijn Nederlandse variant? Wat zijn de belangrijkste trends in en rond de Nederlandse arbeidsverhoudingen? Is het model houdbaar in een globaliserende economie, bij een politiek van Europese integratie en met ondernemingen die de hitte van de markt aan den lijve ervaren?
Deze vragen waren aanleiding voor studie en debat in het kader van een reeks colleges in 1997 in het Nationaal Vakbondsmuseum. Verschillende auteurs beschrijven de belangrijkste trends op terreinen als arbeid en organisatie, de externe verantwoordelijkheid van ondernemingen, het arbeidsrecht, de verzorgingsstaat, geven aan hoe instituties als de collectieve arbeidsovereenkomst daar op (kunnen) reageren en wat de veranderde rol van de organisaties van werkgevers en werknemers daarin is. Deze bijdragen vormen een staalkaart van de trends in de Nederlandse arbeidsverhoudingen. Aan de hand van deze bijdragen gaan de beide redacteuren in een afsluitende analyse in op de kern en toekomstkansen van het Rijnlandse model.
De Nederlandse overlegeconomie geldt als een voorbeeld bij uitstek van het Rijnlandse model. De werking van markt- en machtsverhoudingen wordt in dat model gekanaliseerd door organisaties, overleg en collectieve afspraken. Lange tijd leken ontwikkelingen als de globalisering van de economie en het overheersende neoliberale Europese klimaat een bedreiging voor dit Rijnlandse model. In 1997 lijkt deze gure wind wat te zijn afgenomen, en geldt het Nederlandse model voor veel buitenlandse politici en media zelfs als voorbeeld.
Het veronderstelde succes van het poldermodel kent echter vele vaders, en het Nederlandse model wordt op heel verschillende wijze geïnterpreteerd. Wat is eigenlijk de kern van het Rijnlandse model en dan vooral van zijn Nederlandse variant? Wat zijn de belangrijkste trends in en rond de Nederlandse arbeidsverhoudingen? Is het model houdbaar in een globaliserende economie, bij een politiek van Europese integratie en met ondernemingen die de hitte van de markt aan den lijve ervaren?
Deze vragen waren aanleiding voor studie en debat in het kader van een reeks colleges in 1997 in het Nationaal Vakbondsmuseum. Verschillende auteurs beschrijven de belangrijkste trends op terreinen als arbeid en organisatie, de externe verantwoordelijkheid van ondernemingen, het arbeidsrecht, de verzorgingsstaat, geven aan hoe instituties als de collectieve arbeidsovereenkomst daar op (kunnen) reageren en wat de veranderde rol van de organisaties van werkgevers en werknemers daarin is. Deze bijdragen vormen een staalkaart van de trends in de Nederlandse arbeidsverhoudingen. Aan de hand van deze bijdragen gaan de beide redacteuren in een afsluitende analyse in op de kern en toekomstkansen van het Rijnlandse model.
In het kort
ISBN-13
9789068611441
Uitgever
Verschenen
1 januari 1997
Bibliografisch
ISBN-139789068611441
SeriePerspectief op arbeidsverhoudingen — deel 1
Editie1
TaalNederlands dut
GeïllustreerdJa
Uitgave
UitgeverAmsterdam University Press
CB-relatie-id7400597
Verschenen1 januari 1997
StatusInactief 08
BeschikbaarheidContact leverancier 99
Adviesprijs (incl. btw)€ 13,40
Vorm & inhoud
ProductvormPaperback BC
SamenstellingLos product
Classificatie
NUR (hoofd)Mens en maatschappij algemeen 740
NUR (alle)740 Mens en maatschappij algemeen
Medewerkers
Redacteur B01J.P. van den Toren
Redacteur B01P.J. Vos
Herkomst
Werk-id (NSTC)500790018
MeldingBevestigd bij publicatie 03
Bijgewerkt6 augustus 2026
Lijkt op dit boek

Nog steeds een mirakel?

Wat bindt de onderneming?

Herwaardering van de Rijnlandse principes

Herwaardering van de Rijnlandse principes

Voeten op de vloer

Vertrouwen in de economie: het debat

Juridisch onderzoek representativiteit vakbonden in arbeidsvoorwaardenoverleg

Sociaal recht

Koorddansers in de polder

Het Rijnland-boekje
NSTC 500790018 · CB-relatie 7400597 · Bijgewerkt 6 augustus 2026